De gedachten van Joris Joppe gingen tijdens het hardlopen uit naar de recente berichtgeving over de businessclub van Ogér. Zouden er ook accountants op de klantenlijst van die herenmodeketen staan?
Discussie ColumnBusinessclub
Laatst hardgelopen. Muziek mee, Killing in the name of van Rage Against the Machine keihard op de koptelefoon. Stevig nummer en kennelijk nodig om mijn 53-jarige oude botten in beweging te brengen. Lekker en ook wel passend. Ik had net op het journaal de USS Lincoln al roestend en stinkend in Thailand zien arriveren. Killing in the name of…
Als je het nummer kent, zing je het mee en zal het epische "you gotta do what they told you" in je geheugen gegrift staan. Ik weet niet hoe mijn brein werkt, maar bij dat stuk dwaalden mijn gedachten automatisch af naar de berichtgeving over de businessclub van Ogér.
Wat een goed verhaal! Al rennend zag ik het al helemaal voor me: Rotterdamse zakenmannen die op zaterdag onder het genot van een glaasje Chardonnay een visje eten bij Schmidt Zeevis. Onderwijl tips uitwisselend over netwerken, mooie kleren en natuurlijk hoe je zo min mogelijk belasting betaalt. De stap vandaar naar Ogér en de businessclub is zo gemaakt. "Briljant! Dief van je eigen portemonnee als je het niet doet!" Zo gezegd, zo gedaan: you gotta do what they told you.
Ik had al eens eerder van het concept van dergelijke businessclubs gehoord. Of ik geen lid wilde worden. Goed netwerk en mooie pakken voor een aardig prijsje. En btw aftrekbaar. Je kent het gezegde waarschijnlijk niet, maar If it smells like a fish and tastes like a fish, it's probably fishy. Ik, niet bepaald de fiscalist, vond die businessclub van een afstandje al fiscaal dubieus ruiken. Nou ben ik ook de sukkel die eist dat de schilder met btw factureert, maar dat terzijde.
Terug naar de klantenlijst van Ogér. Ik vind het grappig om te denken aan de directeur die succesvol genoeg is om bij Ogér vijfentwintigduizend euro uit te geven aan een paar pakken, maar nu wakker ligt van een paar duizend euro btw die onterecht is teruggevorderd.
Amusant, maar de echte vraag op dit medium is natuurlijk: staan er ook accountants op de klantenlijst? In eerste instantie had ik die gedachte gelijk verworpen. Tot ik ging graven in accountancy-ervaringen. Keek je begin jaren negentig op de parkeerplaats van het big four-kantoor waar ik toen werkte, dan zag je partners (toen nog vennoten) allemaal voor komen rijden in hun Volvo's. Een 240, 940, 850 of andere getallen. Ik kende ze niet. Te saai om uit mijn hoofd te leren, maar het waren betrouwbare grote auto’s waarvan je wist: daar rijdt een betrouwbare eigenaar, die zijn eigen koelkast verhuist. Klep open, koelkast erin, klep dicht, voorgloeien en rijden maar.
Toen ik dertien jaar later het kantoor verliet, hadden de Volvo's plaatsgemaakt voor BMW's. Minimaal een 5-serie, maar een 7 als je een beetje een baas was. Porsche's en Maserati's waren ook geen uitzondering meer. Als ik mijn fantasie de vrije loop laat, zie ik de ceo en de accountant na de closing meeting allebei in hun Porsche 911 stappen. Elkaar bewonderend aankijken en nog even snel even wat tips uitwisselen over hoe je die verrekte bijtelling kunt omzeilen.
Het kan geen toeval zijn dat de Quote 500 toen al een paar jaar in elke Schipholkiosk was te vinden. Rijkdom mocht zichtbaar zijn. Dan kom je niet meer weg met een Volvo! En ook niet meer met een off-the-rack krijtstreepje van de Bijenkorf. Ogér it is. Dus die klantenlijst moeten we in de gaten houden.
Bij deze dus ook de oproep aan journalist extraordinary Wilbert G. Leuk zo'n artikel over de jaarrekening van de Jong & Laan, maar ik verwacht dat je de zaak over de klantenlijst van Ogér minimaal net zo grondig verslaat! De Pulitzer Prize staat voor je klaar.
En omdat ik nog steeds accountant ben en een hekel heb aan problemen zonder oplossing, hieronder nog een praktisch advies voor mijn Rotterdamse collega-accountants. Skip dat pak van Ogér; Suitsupply zit op loopafstand daarvan. Als je gek doet, houd je per pak nog steeds vijftienhonderd euro over en niemand die het verschil ziet. Behalve je echtgenoot, want met het geld dat je overhoudt, neem je hem/haar mee naar Amarone, wederom op loopafstand. Prima eten, Michelinster en een fijne avond. En als dat je niet zichtbaar genoeg is, ga je naar Joelia onder het Hilton. Ook een ster, maar met meer bling. En dichter bij Ogér, dus grotere kans dat je de vrinden van de businessclub tegenkomt. Nog steeds de door ZZ Top bezongen sharp dressed man, maar je hebt lekkerder gegeten en hoeft nu niet wakker te liggen.
