Themabijeenkomst

Themabijeenkomst ALV: 'Van publiek belang naar persoonlijke invulling'

Voorafgaand aan de Algemene Ledenvergadering van de NBA was er een themabijeenkomst, met de titel 'Van publiek belang naar persoonlijke invulling'. Onderwerpen van gesprek: de beroepscultuur, de daarmee samenhangende omstreden eed en welke verantwoordelijkheid de accountant in dit alles heeft.

Björn Remmerswaal

Marijke Roskam van Business News Radio (BNR) is de gespreksleider. Het valt haar als buitenstaander op dat het invoeren van een eed voor accountants omstreden is. Er zijn veel reacties, omdat het mensen soms persoonlijk raakt; waarom nu ineens een eed? Waren we dan eerst niet te vertrouwen, en straks na het afleggen van een eed wel?

Anne-Marike van Arkel, algemeen directeur van de NBA, merkt op dat nagenoeg alle beroepen met een vertrouwensfuncties een eed hebben, behalve accountancy. "Een eed zou goed zijn om de beroepsregels meer nadruk te geven, maar het is niet zo dat zo’n eed betekent dat de beroepsgroep tot nu toe eigenlijk niet te vertrouwen was."

'Ethische normen staan niet op mijn voorhoofd'

Roskam vraagt arts Job Nievaart en advocaat Silvia Gawronski om iets te vertellen over wat de eed voor hun betekent, en voor hun beroepscultuur. Nievaart vertelt dat de eed in zijn beroepsgroep vooral belangrijk is voor de patiënt. Het is fijn dat er een standaard is waaraan hij kan worden gehouden:  "Mijn ethische normen staan immers niet op mijn voorhoofd."

Gawronski, advocaat bij NautaDutilh, zegt dat ze niet vaak aan haar eed denkt. Maar ze vindt de eed toch waardevol, omdat ze zich met het afleggen van de eed als professional onderwerpt aan de wet, aan het tuchtrecht, en aan de gedragsregels van haar beroep. Aan de eed zelf denkt ze niet veel, maar waar het voor staat is bijna dagelijks van belang, namelijk het onderwerpen aan alle regels van haar beroep. In dat opzicht draagt het bij aan goede advocatuur.

Gawronski voegt toe dat de beroepscultuur die onder meer voortkomt uit een eed, ook problematisch kan zijn, omdat het kan leiden naar een "zo doen we het altijd"-houding, wat verandering kan tegenhouden. Ook Nievaart ervaart dit; in zijn beroep is er steeds meer controle op alles, terwijl de wereld soms niet zo zwart-wit is als een eed doet vermoeden.

Vertel je bijvoorbeeld een dochter van een dementerende moeder over de medische problemen van haar moeder, terwijl dat eigenlijk niet mag vanwege het beroepsgeheim? Of wat zeg je tegen een moeder met een drugsverslaafde zoon die net achttien is geworden, waardoor de geheimhoudingsplicht de arts ineens verbiedt de moeder nog informatie te verschaffen?

Schijnzekerheid of aanmoediging?

Enkele toeschouwers vragen zich af of de eed iets zou toevoegen voor accountants. Iemand merkt op dat de makelaarseed ook niet veel heeft uitgehaald, en een andere toeschouwer voegt toe dat sommige mensen ondanks een eed toch wel in de fout zullen gaan, omdat het nou eenmaal een type mens is die dat doet. Hij vindt echter wel dat mensen die het al goed doen, wellicht nog iets zouden kunnen verbeteren door een eed, omdat het aanmoedigend kan werken.

Sommige toeschouwers vinden de eed meer iets voor de buitenwereld, dan voor de accountant zelf. Iemand noemt het schijnzekerheid, omdat er al tuchtrecht en wet- en regelgeving is. Iemand anders vraagt zich ook af of oudere accountants de eed nog wel af moeten leggen, omdat ze toch hun werkwijze niet meer zullen veranderen. Op de vraag of de eed elk jaar over zou moeten, zegt een toeschouwer dat het wel een bepaalde binding zou creëren tussen de jongere en oudere accountants.

Wie moet de eed afleggen?

Het publiek is duidelijk verdeeld over wie de eed moet afleggen. Gawronski reageert op dat gevoel: "Een eed bewaakt op een bepaalde manier de bedrijfscultuur, omdat zo’n eed een middel is om een groep mensen bewuster te maken van de normen en waarden die gelden in het beroep. Als dat het doel is, moet iedereen de eed afleggen.” Een toeschouwer die bij een mkb-kantoor werkt, is het daarmee eens. Zijn buurvrouw niet: “Je bent al zo lang aan het werk, waarom nu nog zo’n eed afleggen?"

Gawronski zegt in een reactie op een vraag dat beroepsgroepen die geheimhoudingsplicht hebben en daarom moeilijk te controleren zijn, baat kunnen hebben van een eed die van binnenuit die controle verankert.

Een andere toeschouwer is tegen: het gaat volgens hem om cultuur en gedrag, en als er regels worden opgesteld raken mensen weg van hun eigen gedrag en hebben ze het vervolgens alleen nog over kaders. "Een eed zal ons niet allemaal keurig netjes maken. Ik zie de toegevoegde waarde niet. Als we die eed nodig hebben om ons te profileren, dan hebben we heel wat slagen gemist."

Column en debat met panel

Na de discussie over de eed leest Jan Wietsma zijn column voor. De strekking is dat de accountancy zich meer op kwaliteit moet gaan richten, en dat daar een cultuurverandering voor nodig is. “Misschien moet u daarvoor wel over uw eigen schaduw heen stappen,” merkt Wietsma op. Het is volgens hem tijd om een moreel sterkere groep te worden, die beter wordt in zelfreflectie en moraliteit.

Na de column van Wietsma neemt het panel plaats, met daarin Caspar Segers (KPMG), Monique Piet (Kromhout Accountants en Belastingadviseurs) en Steef Visser (Visser & Visser). Roskam begint meteen met de vraag aan Segers wat hij van de huidige berichtgeving over KPMG in de media vindt. Segers: "Wat KPMG nu overkomt is betreurenswaardig, het doet verdriet, en het komt niet goed uit. En het heeft heel erg met cultuur te maken. Als je een wettelijke plicht hebt, dan past daar bescheidenheid bij. Als je grote klanten hebt, mag je daar trots op zijn. Maar er zijn bij KPMG onhandige besluiten genomen door ego's en groepsdruk."

'Waarom ga je niet weg?'

Roskam vraagt waarom Segers niet weggaat, als hij die cultuur afkeurt. Segers: "Dat heb ik me ook afgevraagd. Maar als er intern ook een tegenbeweging is, dan blijf je eraan trekken, ook al is de weg hobbelig. Ik zat in de werkgroep Toekomst Accountantsberoep, en dat was een goeie uitlaatklep."

Steef Visser reageert: "Informele bijeenkomsten zijn belangrijk om dit soort situaties aan te pakken. Wij hebben vier keer per jaar een vergadering, zonder notulen, alles is daar bespreekbaar. Dat is misschien niet transparant, maar zo krijgen we beweging op het gebied van al die klachten."

Monique Piet: "Het is belangrijk dat je alles bespreekbaar houdt, en dat je het ‘zo doen we dat hier’-effect voorkomt."

Roskam vraagt nogmaals naar de schandalen bij KPMG en vraagt hoe mensen op de werkvloer elkaar daar op aanspreken, niet alleen bij KPMG, maar ook bij de andere kantoren. Segers: "Toen Jan Hommen adviseur was van de raad van bestuur, ben ik op hem afgestapt. 'Je kent me niet, maar ik wil even tegen je aanpraten', en daar stond hij voor open. Door alle gebeurtenissen zijn er flink wat ego’s onderuit gehaald, en daarom is het nu makkelijker om gesprekken te voeren over wat er beter kan."

Visser: "Zorg ook dat je altijd met twee mensen naar een dossier kijkt." En Monique Piet onderstreept dat je bij "elke handtekening moet weten voor jezelf dat het klopt. Dat lijkt logisch, maar naarmate je groter wordt is dat moeilijker, omdat je vaak op werk van anderen vertrouwt".

Björn Remmerswaal is redacteur van Accountant.nl.

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Gerelateerd

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.