Discussie Opinie

De HEMA als beleggingsobject kan wel degelijk werken

Uit onderzoek blijkt dat private equity-ondernemingen bedrijven een kans bieden die anders niet zou bestaan. Dat geldt ook voor de HEMA, aldus Jan Bouwens.

Ondernemingen die bedrijven opkopen met een klein eigen vermogen en deze een hoge schuld geven hebben een slechte naam. Dat is omdat we falen toeschrijven aan de roofkapitalisten die bij deze private equity-ondernemingen het beleid bepalen, terwijl de successen worden genegeerd.

Robert Giebels stelt in de Volkskrant dat een bedrijf waar duizenden mensen werken geen beleggingsobject mag zijn. Nu het lot van de HEMA noodgedwongen is overgedragen van eigenaar Boekhoorn naar de vreemd-vermogensverschaffers, is de vrees dat een private equity-onderneming de HEMA verder zal uitkleden tot er niets meer over is van de winkelketen. Die vrees staat niet op zichzelf. Beurswaakhonden, politici en vakbonden hebben wereldwijd hun zorgen rondom private equity (PE) aan de orde gesteld.

Eerste Kamerlid Mei Li Vos (PvdA) stelt voor om een coöperatie op te richten met als doel duurzame continuïteit van de HEMA-keten. In haar idee kunnen werknemers, klanten, franchisenemers en toeleveranciers toetreden tot de coöperatie. De HEMA zou daarmee roofbouw van de PE-firma’s kunnen ontlopen: "Het moet eens klaar zijn met het financiële fantasiewerk", benadrukt Vos. Maar is het inderdaad fantasiewerk?

Als we naar individuele cases kijken kan deze indruk wel ontstaan. Zo schrijft Rasmussen in Europe Today de teloorgang van de Britse ANWB (The Automobile Association ) toe aan het werk van PE-firma's. Daar staat tegenover dat er ook successen zijn beschreven, in Nederland betreft dat de Action-winkels.  

Waarom roept de PE-firma zoveel controverse op? Een belangrijke reden is dat de gevolgen van de mislukking van de reorganisatie gekoppeld zien aan PE-firma's, terwijl de successen buiten beeld blijven.

Het idee van de PE-onderneming is dat deze organisatie als geen ander in staat is om bij achterblijvende organisaties de economische vooruitzichten ten goede te keren; door dicht op het management te gaan zitten, de toegang tot cash te beperken en
het management te belonen voor waardevolle beslissingen. De hoge schuld die de bedrijven krijgen opgelegd dient dan als breekijzer om het management te committeren aan het creëren van kasmiddelen. Met deze maatregelen  wordt voorkomen dat het bedrijf verder verzandt in (niet renderende hobby-) projecten van het management. De vraag die bij een incident als dat bij de HEMA optreedt is steevast: "Waarom stellen we het lot van deze prachtige bedrijven in handen van roofkapitalisten?" De vraag is of deze zorg terecht is.

In april 2017 reageerde toenmalig minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem op de Initiatiefnota van de Tweede Kamerleden Nijboer en Groot over private equity: einde aan de excessen. Dijsselbloem kwam met een onderzoeksrapport geschreven door Ligterink e.a., dat weinig bewijs oplevert voor de these dat PE-firm's zich hoofdzakelijk bezighouden met het leegroven van bedrijven. Op hetzelfde moment verscheen in Management Science een studie die laat zien dat landen voordeel hebben bij de aanwezigheid van private equity-onderneming. In individuele gevallen kan kritiek van leegroven van toepassing zijn, maar in het algemeen gaat deze niet op. Private equity maakt investeringen mogelijk die anders achterweg zouden blijven. 

De onderzoekers, Shai Bernstein, Josh Lerner, Morten Sorensen en Per Strömberg, bekeken de rol van private equity in de context van de ontwikkeling van bedrijfstakken. Zij zien dat bedrijfstakken waar PE-ondernemingen actief in investeren, harder groeien dan branches waar dit kapitaal ontbreekt. Het maakt geen verschil of je de groei meet als werkgelegenheid, productie of toegevoegde waarde.

Een zorg die wel wordt geuit, is dat het activiteitenniveau van PE-firma's sterk onderhevig is aan schokken, omdat kapitaalverschaffers een strak beleid voeren dat onverwachte uitgaven niet toestaat. De onderzoekers vinden eerder het tegendeel. Daar waar de economie verzwakt, zien bedrijven zonder PE eerder reducties in werkgelegenheid dan firma’s die genoteerd zijn aan de beurs. En het maakt geen verschil of we de Europese of de Amerikaanse situatie bestuderen. 

De patronen die de onderzoekers vinden, duiden erop dat we gemiddeld baat hebben bij de activiteiten van private equity-onderneming. Dat we in incidentele gevallen ongewenste effecten accepteren, als we de voordelen van door private equity-ondernemingen verstrekt vermogen in beschouwing nemen. 

Wellicht is het ten slotte ook goed om te bedenken dat onze pensioenfondsen beleggen in PE-ondernemingen. De reden is dat deze fondsen hoger renderen dan beurzen, al moet worden gezegd dat deze voordelen steeds kleiner lijken te worden in de tijd.

Conclusie: de HEMA kan slechter af zijn als een PE-onderneming in het bedrijf stapt. Maar gemiddeld genomen nemen de kansen op overleven toe, bij bedrijven die door een private equity-onderneming worden verworven! 

Wat vindt u van deze opinie?

Reacties Spelregels debat

Jan Bouwens is hoogleraar accounting UvA en research fellow University of Cambridge.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.