Magazine

Crisis raakt hele sector

Salarisniveaus stagneren, partners leveren in, doorstroommogelijkheden nemen af en ook de verwachtingen worden bescheidener. Dat blijkt uit de achtste editie van het Accountancy Beloningsonderzoek (zie uitneembare bijlage, of download via Accountant.nl).

Dit artikel is verschenen in Accountant nr. 10, 2012

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

» Download dit artikel in pdf

Accountancy beloningsonderzoek 2012

Accountantskantoren, lang gewend aan een min of meer vanzelfsprekende groei, voelen de crisis. De economische krimp zet de tarieven en omzetten al een paar jaar onder druk. En daar komt de structurele trend waarbij meer administratief werk bij klanten wordt geautomatiseerd en de accountant dus minder uren kan factureren, nog eens bij.

Volgens bureau Full Finance daalde in 2011 zowel de omzet (-0,8 procent) als het aantal fte's (-3,7 procent) bij de top 30 van Nederlandse accountantskantoren. Daarbij gaan de big four voorop. Bij die kantoren daalde de omzet in 2010-2011 met 4,2 procent (alleen KPMG noteerde een stijging), bij de subtopkantoren met 1,1 procent. Ook de personeelskrimp is bij de big four extra groot. Het aantal fte's daalde er met 4,6 procent, bij de subtopkantoren was dat 2,6 procent.

De vooruitzichten zijn evenmin rooskleurig. Het ING Economisch Bureau voorspelt voor de accountancy en administratieve dienstverlening een verdere versnelling van de omzetkrimp. In het eerste kwartaal van 2012 registreerde de bank een omzetdaling van 2,4 procent en voor heel 2012 wordt drie procent voorzien. Raakt deze teruggang ook de beloningen in de sector? Het door Accountant en Alterim uitgevoerde Accountancy Beloningsonderzoek 2012 geeft een duidelijk antwoord: ja. Van een daadwerkelijke salarisdaling is geen sprake, maar zowel de stijgingen in het voorbije jaar als de verwachtingen voor de komende jaren zijn duidelijk bescheidener dan voorheen. De partnersalarissen staan zelfs echt in de min.

Forse verhogingen voorbij

Werd vorig jaar nog vastgesteld dat in het openbaar beroep de beloningen per functieniveau over de hele linie flink waren gestegen (met uitzondering van de partners), nu is daarvan geen sprake meer.

Controleleiders en managers gingen er op zijn best licht op vooruit en het gemiddelde salaris voor de functie van senior manager daalde zelfs licht, zowel bij de AA's als RA's. Ook het variabele beloningsdeel van AA's en RA's (in loondienst) staat onder druk. De zeer hoge variabele extra's (meer dan 50.000 euro) zijn vrijwel verdwenen. Vorig jaar toucheerde nog negen procent van de AA's en twaalf procent van de RA's zo'n bedrag.

Partners achteruit

De partnersalarissen stonden vorig jaar al onder druk. Toen daalden ze bij kleine en grote kantoren met respectievelijk bijna elf en achttien procent en stegen ze alleen nog bij middelgrote kantoren. In 2011-2012 zette die ontwikkeling door, althans bij de RA's, waar het gemiddelde partnersalaris met twaalfduizend euro daalde naar 139.500 euro. Het gemiddelde salaris van AA-partners steeg afgelopen jaar juist, van 96.500 naar 104.500 euro. De daling van de RA-partnersalarissen doet zich dit jaar voor over de hele linie, maar net als vorig jaar het sterkst bij de kleine (van 113.500 naar 99.500 euro) en grote kantoren (van 237.500 naar 225.500 euro). Bij de middelgrote kantoren leveren de partners gemiddeld slechts marginaal in (van 157.000 naar 155.500 euro). Voor AA-partners is de vergelijking met 2011 per kantoorgrootte onmogelijk, in verband met de toenmalige vraagstelling.

Ook het percentage echte grootverdieners onder de partners is duidelijk afgenomen. In 2011 verdiende nog zeventien procent van de AA-partners en 31 procent van de RA-partners meer dan 250.000 euro. In 2012 is dat gedaald naar respectievelijk dertien en 22 procent. En terwijl in 2011 nog ruim één op de tien RA-partners meer dan een half miljoen toucheerde, schrijft een jaar later nog slechts drie procent zo'n bedrag bij. Bij de AA's komen dergelijke bedragen nauwelijks voor.

Salarisstijging en -verwachting bescheidener

Op individueel niveau zagen de meeste openbaar accountants afgelopen jaar nog wel een hoger bedrag op hun salarisstrook verschijnen dan voordien. Gezien de stagnerende beloning per functieniveau weerspiegelt dit vooral de individuele carrièreontwikkeling en promotie. En door de minder snelle doorstroming onder invloed van de crisis (zie kader) treedt ook daarbij nu een vertraging op. RA's gingen er gemiddeld 2,8 procent op vooruit, AA's 1,7 procent. Vorig jaar was dat nog 4,9 en 3,2 procent. Ook wat betreft toekomstverwachtingen scoren RA's wat hoger dan AA's. De laatsten verwachten de komende vijf jaar gemiddeld 9,6 procent in salaris te stijgen, RA's gaan uit van 18,7 procent. Ook dat is minder dan in 2011 (12,3 en 21,8 procent). Zeker de zeer hooggespannen salarisverwachtingen - meer dan een kwart vooruit in vijf jaar - zijn anno 2012 minder dik gezaaid dan in 2011. Van de AA's rekent 4,8 procent op zo'n salarisstijging. Bij de RA's is dergelijk optimisme aanzienlijk wijder verbreid (25,6 procent), maar toch duidelijk minder dan in 2011 (28,3 procent), 2010 (46,6 procent), 2009 (51,4 procent) en zeker 2008 (64 procent), toen de bomen nog tot in de hemel leken te groeien.

Overwerk niet meer uitbetaald

De economische situatie weerspiegelt zich ook in de overwerkcijfers. Dat effect is tweeledig. Enerzijds nam het aantal mensen dat helemaal niet overwerkt af van 7,5 naar 7,1 procent, maar anderzijds maken de overwerkers minder uren dan vorig jaar. Een mogelijke verklaring voor deze wat paradoxale ontwikkeling is dat aan de ene kant vertrekkende medewerkers minder snel worden vervangen, waardoor anderen hun werk moeten opvangen, terwijl tegelijkertijd de totale orderportefeuille slinkt.

Accountants bij grote kantoren werken nog steeds het meest over, gemiddeld 8,2 uur per week (vorig jaar 9,9 uur). Daarna volgen de middelgrote kantoren met 6,5 uur (vorig jaar zeven) en de kleine met 6,1 uur (vorig jaar zeven).

Opvallend en veelzeggend is dat kantoren gemaakte overwerkuren liever niet meer uitbetalen in geld. Er is een duidelijke beweging te zien naar compensatie in de vorm van vrije dagen, of zelfs helemaal geen compensatie. Van de overwerkers bij de grote kantoren kreeg afgelopen jaar 2,3 procent een overwerkvergoeding, bij kleine en middelgrote kantoren respectievelijk 4,6 en 5,6 procent. Vorig jaar was dat nog 9,7, 35,2 en 33 procent. Daarentegen krijgt tweederde van de respondenten zijn overuren nu gecompenseerd in vrije dagen, in 2011 was dat nog circa vijftig procent.

Matiging bij alle groepen

Het vrij strakke en snelle carrièrepad binnen het openbaar beroep brengt met zich mee dat openbaar accountants er jaarlijks in salaris meer op vooruit gaan dan accountants in business, interne en overheidsaccountants. Dat blijkt in elk Accountancy Beloningsonderzoek. Afgelopen jaar zag ruim 36,6 procent zijn salaris met minimaal zes procent stijgen, 15,1 procent ging zelfs met elf procent of meer.

Bij de accountants in business is dat 24,2 en 13,4 procent, en interne accountants scoren daar met 20,4 en 7,2 procent weer net onder. De salarisontwikkeling bij de overheid blijft hier traditiegetrouw bij achter. Als het gaat om de verwachtingen voor de komende vijf jaar, vertonen de vier groepen een soortgelijk verschil. Openbaar accountants voorzien de grootste salarissprong en overheidsaccountants blijven duidelijk achter.

Veelzeggend bij dit alles is dat de salarisstijging het afgelopen jaar over de hele linie kleiner was dan in het jaar daarvoor en dat de matige verhogingen (tot drie procent) bij alle groepen steeds meer overheersen, vooral ten koste van de categorie ‘vier tot vijf procent stijging’.

Echt ‘crisis’ is het in de accountancy nog niet, zeker vergeleken met sommige andere sectoren. Maar dat de haperende economie ook in deze sector serieus doorwerkt en een voorlopig einde heeft gemaakt aan een klimaat waarin alles elk jaar automatisch groter en mooier leek te worden, inclusief de beloningen, is onmiskenbaar.

Het Accountancy Beloningsonderzoek is uitgevoerd door Accountant en Alterim, in samenwerking met de NBA en de VAS. Zie de bijlage bij dit nummer voor het complete onderzoek, of download dit op Accountant.nl.

Tool op accountant.nl: Wat verdien ik?

Verdient u vergeleken met vergelijkbare collega's weinig, normaal of veel? Bereken via enkele muisklikken uw ‘marktconforme’ salaris op Accountant.nl. Vul in of u AA bent of RA, hoeveel jaar ervaring u heeft, de sector waar u werkt en - voor openbaar accountants - de grootte van het kantoor, en zie het antwoord, gebaseerd op gegevens uit het Accountancy Beloningsonderzoek 2012.

Accountancy beloningsonderzoek 2012

Deze achtste editie van het Accountancy Beloningsonderzoek is gebaseerd op in totaal 3.028 ingevulde vragenlijsten (dertien procent respons). Van de respondenten is 38,1 procent RA, 28,6 procent AA en 33,3 procent student. In totaal werkt bijna tweederde (65,8 procent) van de respondenten in het openbaar beroep. Onder de AA's zijn vrouwen net iets sterker vertegenwoordigd dan onder de RA's, met respectievelijk 21,2 procent en 18,5 procent. Van de studenten is 29,6 procent vrouw. Daarbij is er nauwelijks verschil tussen AA- en RA-studenten.

Crisis, doorstroom en personeelsopbouw

De economische crisis heeft consequenties voor het personeelsbeleid en de personeelsbezetting bij alle typen accountants. Een fors aantal respondenten meldt dat bij hun werkgever sprake is van minder aanname en meer uitstroom van personeel, minder doorstroommogelijkheden en meer tijdelijke contracten. Daarbij springt de extra penibele situatie bij de overheid het meest in het oog.

Bij de openbare accountants is wat betreft crisiseffecten verschil tussen kleinere en grotere kantoren. Accountants bij grote kantoren ervaren vaker verminderde doorstroommogelijkheden dan hun collega's bij middelgrote en (vooral) kleine kantoren. Daarbij maakt het geen verschil of kantoorgrootte op basis van het aantal RA's of AA's wordt bepaald.

Bij overige personele effecten ligt dat anders. Als het aantal RA's als maatstaf wordt genomen (zie de figuur hieronder) dan blijken middelgrote kantoren de sterkste personeelseffecten te ervaren. Met het aantal AA's als omvangcriterium geldt: hoe groter het kantoor, hoe groter de crisiseffecten (alleen bij externe inhuur is het omgekeerd). Dit verschil zou kunnen worden verklaard uit het feit dat de door RA's gedomineerde controlemarkt veel minder crisisgevoelig is dan de overige accountancydienstverlening waar AA's zich overwegend mee bezighouden.

Omzet zelfstandigen

De crisis gaat ook aan zelfstandige accountants niet voorbij, maar het beeld is er wisselend. Enerzijds rapporteert een flink percentage zelfstandigen (zowel met als zonder personeel) een daling van de omzet, of een slechts zeer beperkte stijging. Maar aan de andere kant is er een groep die ruim een kwart meer omzet boekte dan het vorige jaar. Wellicht is dit het gecombineerde effect van enerzijds een verslechtering van de algemene markt en anderzijds een gegroeide externe inhuur van financiële (interim) menskracht door accountants- en andere organisaties.

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.