Magazine

Te gedetailleerd of juist duidelijk?

De NIVRA-Ledenvergadering stemt 14 december 2006 over invoering per 2007 van de Verordening Gedragscode (VGC), ter vervanging van de huidige gedrags- en beroepsregels uit 1994. Hans Blokdijk gruwt van het ‘onleesbare’ voorstel en schreef een alternatief. Volgens Barbara Majoor geeft de nieuwe code juist precies de duidelijkheid waar het maatschappelijk verkeer om vraagt.

Dit artikel is verschenen in de Accountant nr. 3, 2006

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

» Download dit artikel in pdf

Discussie over Verordening Gedragscode

“In tegenstelling tot de GBA is dit document uiterst omvangrijk: naast principiële bepalingen bevat het detailregels, toelichtingen, handreikingen en voorbeelden. Daardoor is het weinig toegankelijk en begrijpelijk voor degenen die buiten het beroep staan (‘buitenstaanders’).” Hans Blokdijk omschrijft het in zijn toelichting bij de alternatieve verordening gedragscode nog wat diplomatiek. In een discussie met Barbara Majoor is de toon over de VGC, die tijdens de Ledenvergadering van 14 december 2006 ter stemming komt, een stuk scherper: “Het is werkelijk een vreselijk stuk. Een monument voor de ‘truttificatie’ van het vak. De verordening is geschreven voor Boliviaanse kleuterklassen, niet voor een land waar het accountantsberoep al meer dan honderd jaar op hoog niveau wordt uitgeoefend.”

Majoor onthoudt zich van zulke kleurrijke typeringen, maar is op haar beurt ook uiterst kritisch over het door Blokdijk ontwikkelde alternatief: “Daar zou ik namelijk precies hetzelfde over kunnen zeggen. De structuur ontbreekt, en het niveau van de bepalingen varieert van heel abstract tot zeer gedetailleerd. Alles loopt door elkaar heen, en ik zou Blokdijk dan ook willen oproepen om nog eens heel goed na te lezen wat hij heeft opgeschreven.”

Onleesbaar

Het is volstrekt duidelijk: Majoor laat geen spaan heel van het alternatief van Blokdijk, en vice versa. Maar waar zitten nu volgens Blokdijk precies de pijnpunten in het voorstel van het NIVRA?

Blokdijk: “Het is volstrekt onleesbaar, vooral doordat er veel te veel detaillering is doorgevoerd in de tekst. We hebben het hier over maar liefst 57 pagina's A4, vol met technische uiteenzettingen en voorbeelden. Vergelijk dat eens met het handzame boekje van de GBA van dit moment! In mijn voorstel stel ik de principes voorop, zonder deze uitgebreid te beschrijven. Dat leidt tot een overzichtelijk geheel van twaalf A4'tjes.”

Majoor: “Ook in de VGC staan de principes voorop. In het eerste deel van de code, deel A, staan ze keurig op een rijtje. Als je dat deel vergelijkt met het alternatief, durf ik de stelling wel aan dat onze code zelfs nog compacter is dan die van Blokdijk. Maar afgezien van een discussie over het aantal woorden, de corpsgrootte of de regelafstand vind ik het veel principiëler dat zowel accountants als maatschappelijk verkeer een duiding van die principes nodig hebben in de vorm van voorbeelden en handreikingen.”

Toelichting essentieel

Hierin lijkt de kern van de discussie tussen beiden zichtbaar te worden: Blokdijk is het hier principieel oneens met Majoor. “Al die extra toelichting maakt het er juist niet duidelijker op. Dat staat me zelfs fysiek tegen. Het is onleesbaar, zowel voor accountants als buitenstaanders in het maatschappelijk verkeer. Bovendien is het ook helemaal niet nodig om de uitwerking van die principes toe te lichten. Daar heb je onder andere het tuchtrecht voor en dat werkt uitstekend.”

Majoor: “Zonder die nadere toelichting zijn de principes weinig tastbaar voor het maatschappelijk verkeer. Bovendien blijkt uit mijn promotieonderzoek van een aantal jaar geleden dat het maatschappelijk verkeer die toelichting juist graag wil.”

‘Academische discussie’

Majoor meent dat het alternatief van Blokdijk juist leidt tot een vertroebeling in plaats van een verheldering, ook al omdat er volgens haar meer dingen door elkaar heen lopen. “Qua onderwerpkeuze is het alternatief van Blokdijk niet consequent. Het gaat om een gedragscode, maar Blokdijk stopt er ook weer beroepsregels en kwaliteitsregels in. Dat hebben we nu juist overzichtelijk van elkaar gescheiden in het nieuwe bouwwerk van weten regelgeving voor accountants dat de afgelopen jaren is ontwikkeld.” Blokdijk: “Het verschil tussen beroepsregels en gedragsregels heb ik altijd een academische discussie gevonden. Waar het de buitenwereld om gaat is wat de deugdelijke grondslag is en wat de verklaring van een accountant betekent. Daar gaat het om. Accountants moeten de maatschappij niet willen vermoeien met dikke RAC-bundels. Je hoeft hen namelijk helemaal niet gedetailleerd uit te leggen waarom en hoe je iets doet.”

Juridisering

Wat steeds terugkomt in de discussie is de opmerking van Blokdijk dat de VGC onleesbaar is. Majoor wil dan ook wel eens een voorbeeld horen van die onleesbaarheid.

Blokdijk: “Het is de stijl van het document, waarin de juridisering is doorgeslagen.”

Die juridisering lijkt niet op zichzelf te staan, maar te passen in een maatschappelijke trend waarin regels als gezamenlijk kenmerk hebben dat ze steeds gedetailleerder worden. Dat is begrijpelijk, want onze huidige maatschappij is nu eenmaal ingewikkeld en laat zich niet vangen in eenvoudige modellen. Sommige accountants in het vak verzuchten echter dat ze een halve schriftgeleerde moeten zijn om überhaupt nog een jaarrekeningcontrole te kunnen uitvoeren. Daar komt met deze verordening dus weer wat extra's bij.

Majoor wijst er niettemin op dat de toelichting echt nodig is: “Een accountant doet nu eenmaal meer dan het controleren van een jaarrekening, en treedt op in totaal onvergelijkbare situaties. Een principe kan voor verschillende soorten werkzaamheden of situaties dan ook anders uitpakken. Dat moet je uitleggen, anders blijven die principes holle kreten.”

‘Verlengstuk overheid’

Blokdijk heeft nog een ander bezwaar tegen de code, dat procedureel van karakter is: “September 2005 lag er een conceptcode klaar. Het NIVRA organiseerde daarna roadshows en vroeg om commentaar. Tien maanden later ligt er opeens een code die in vrijwel niets lijkt op het concept dat er eerder lag. Dat is werkelijk beneden alle peil.”

Majoor: “Volgens mij is het in elk geval geen tien maanden maar een halfjaar stil geweest. En in die tijd is er uitgebreid geklankbord. Toen is ook besloten om nauwer aansluiting te zoeken bij de internationale Code of Ethics van het IFAC.” Blokdijk heeft er geen goed woord voor over en meent dat het NIVRA hiermee laat zien dat het niet langer voor de leden handelt, maar veel meer een verlengstuk van de overheid is geworden. Hij suggereert dat de ingrijpende wijzigingen ten opzichte van het eerdere concept zijn ingegeven door druk van het ministerie van Financiën en/of de Autoriteit Financiële Markten: “Die geruchten hoor ik om me heen. Waarom ze dat zouden doen? Pure gemakzucht. Er is geen enkele overeenkomst met de IFAC waarin staat dat de landenorganisaties hun regels slaafs moeten overnemen. Toch is dat precies wat er nu gebeurt, en ook nog op een behoorlijk achterbakse wijze. Dat is erg jammer, zeker omdat we in Nederland juist zo'n hoogwaardige traditie hebben ten aanzien van de gedrags- en beroepsregels.”

Internationaal eenduidig

Majoor herkent zich helemaal niet in de typeringen van Blokdijk: “Het NIVRA is er nog steeds voor de leden. Je zou hoogstens kunnen zeggen dat de communicatie niet handig is geweest. Verder is het een feit dat het vak internationaliseert, en dat Nederland daarin mee moet gaan. We moeten ons niet opstellen als een provincie, en ons realiseren dat we in een ander tijdperk leven dan twintig jaar geleden. Dat komt ook terug in de manier waarop regelgeving wordt ontwikkeld. Er is voor alle landen ruimte om ten opzichte van de IFAC-richtlijnen plussen of minnen aan te brengen in de regels, maar ik ben daarvan geen voorstander. Accountants zijn er juist bij gebaat als er een eenduidig internationaal stelsel is. Wij hebben als Nederlands beroep ook een ruime vertegenwoordiging binnen de diverse IFAC-commissies en kunnen daar onze invloed uitoefenen.”

Betere communicatie

In aansluiting daarop meent Majoor dat Blokdijk eerder aan de bel had moeten trekken als hij het niet eens was met de code: “Heb je destijds bij de IFAC aan de bel getrokken?” Blokdijk: “Ik heb in 2002 en 2003 commentaren geleverd, maar daar hoor je dan verder ook niks van. En het NIVRA communiceert ook niet bijster goed over aanpassingen, dus hoe kom je erachter?”

Alleen op dat punt vinden Majoor en Blokdijk elkaar: de communicatie vanuit het NIVRA mag de laatste jaren dan zijn verbeterd, het is nog niet goed genoeg. Majoor: “Het zou bijvoorbeeld goed zijn als de beginselen en uitgangspunten van het beroep wat beter zouden worden geduid voor de leden en het maatschappelijk verkeer. Zowel de wijze waarop regelgeving tot stand komt als de samenhang tussen de gedragscode, de kwaliteitsrichtlijnen en de RAC.”

Belangrijkste verschillen nieuwe gedragscode

De Verordening Gedragscode wijkt op een aantal punten af van de GBR-1994. De belangrijkste wijzigingen zijn:

  • De VGC kent alleen gedragsregels. De beroepsregels worden opgenomen in de Nadere voorschriften Controle- en overige standaarden (COS).
  • De fundamentele principes integriteit, objectiviteit, deskundigheid en zorgvuldigheid, geheimhouding en professioneel gedrag zijn van toepassing op alle registeraccountants.
  • Het principe onafhankelijkheid geldt alleen voor assurance-diensten. Voor openbaar accountants die assurance-diensten verrichten betekent dit dat zij onafhankelijk dienen te zijn van de desbetreffende assurance-cliënt. Het accepteren van een resultaatafhankelijke beloning bij dergelijke opdrachten is niet aanvaardbaar. Voor nonassurance-opdrachten gelden deze verboden niet. Wel geldt dat de accountant te allen tijde objectief moet zijn.

Hans Blokdijk en Barbara Majoor

Hans Blokdijk is oud-vennoot van KPMG, emeritus hoogleraar accountantscontrole aan de Vrije Universiteit en hoogleraar accountancy aan de Universiteit Nyenrode. Hij ontwierp een alternatief voor de voorgestelde VGC.

Barbara Majoor is hoogleraar accountancy aan Universiteit Nyenrode, partner department of professional practice van KPMG en lid van de International Ethics Standards Board for Accountants (IESBA) van de International Federation of Accountants (IFAC). Zij is lid van de NIVRA-commissie die de VGC ontwikkelde.

Nart Wielaard is strategisch scherpdenker op het snijvlak van maatschappij, technologie en bedrijfsleven. Hij brengt complexe ontwikkelingen terug tot eenvoudige en begrijpelijke verhalen en doet dat in de rol van gespreksleider, adviseur en schrijver.

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.