Helft van Nederlandse bedrijven gaat voor vrijwillige duurzaamheidsrapportage
Bijna 70 procent van de bedrijven in Nederland vindt duurzaamheidsrapportage belangrijk. 22 procent van de bedrijven rapporteert al vrijwillig over de eigen impact op mens, milieu en bestuur en 27 procent overweegt om daarmee te beginnen.
Dat blijkt uit onderzoek van Visma onder ruim driehonderd administratieve en inkoopverantwoordelijken in Nederland. Het laat zien dat veel bedrijven in Nederland hun duurzaamheidsambities niet laten varen, ondanks de Omnibusplannen van de Europese Commissie voor vereenvoudiging van de huidige regelgeving.
Inmiddels is de stop-the-clock directive als onderdeel van deze plannen aangenomen, waardoor voor veel Nederlandse bedrijven voorlopig de verplichting vervalt om te rapporteren over hun duurzaamheidsimpact.
Standaard voor vrijwillige rapportage
Inmiddels is door het Europese adviesorgaan EFRAG een standaard ontwikkeld voor vrijwillige duurzaamheidsrapportage, de Voluntary Sustainability Reporting Standard for SMEs. Deze VSME biedt niet-beursgenoteerde bedrijven en het mkb een vereenvoudigde manier om te rapporteren, zonder te hoeven voldoen aan de volledige CSRD-verplichtingen.
De VSME-standaard is nog relatief onbekend, blijkt uit het Visma-onderzoek; slechts 42 procent van de respondenten heeft er van gehoord. 8 procent van de ondervraagde Nederlandse bedrijven maakt al gebruik van de VSME-standaard, terwijl 14 procent op een andere manier vrijwillig rapporteert. 27 procent overweegt vrijwillige rapportage in de toekomst, 32 procent doet dat (vooralsnog) niet en 19 procent weet het nog niet zeker.
Transparantie en stakeholderrelaties belangrijke drijfveren
Het belangrijkste motief voor vrijwillige rapportage is het verbeteren van transparantie en geloofwaardigheid, geeft 46 procent aan. Andere vaak genoemde redenen zijn het versterken van de relatie met stakeholders (34 procent) en het vermijden van de hoge kosten van een volledige CSRD-implementatie (30 procent).
Ook het verlagen van administratieve lasten ten opzichte van een volledige CSRD-rapportage (24 procent) en een gebrek aan middelen of expertise (23 procent) worden als motief genoemd.
Behoefte aan ondersteuning
Volgens Visma geeft 42 procent van de respondenten aan behoefte te hebben aan rapportagesoftware. Een even grote groep heeft behoefte heeft aan financiële ondersteuning. Ook behoefte aan extern advies (38 procent) en training of capaciteitsopbouw (32 procent) worden vaak genoemd. 4 procent van de bedrijven zegt geen extra hulp nodig te hebben bij het opzetten van duurzaamheidsrapportages.
"We zien dat bedrijven wel wíllen rapporteren, maar zoeken naar eenvoud en duidelijkheid", aldus Joris Joppe, managing director van Visma-bedrijf Visionplanner en columnist op deze site.
Gerelateerd
'Duurzaamheidsdata is pas waardevol als je ermee gaat sturen'
Tijdens de werkconferentie van NBA en Raad voor de Jaarverslaggeving op 14 september, liet Jessica Boekhoudt (Data for Better) zien dat er een veel bredere stroom...
Duurzaamheidsrisico's werken door: 'Daar kun je als accountant niet omheen'
"Waarom stond dit niet in de jaarrekening?" Die vraag liep als een rode draad door de deelsessie over financiële duurzaamheidsrisico’s van de werkconferentie 14...
Lessen voor CSRD-wave 2: limited is niet altijd zo limited als het woord doet vermoeden
Van de eerste assurance-opdrachten bij CSRD-duurzaamheidsverslaggeving hebben accountants veel geleerd. De belangrijkste boodschap voor wave 2 is dan ook: begin...
CSRD-assurance bedraagt ongeveer 8 procent van totale accountantskosten
Voor de controle van duurzaamheidsverslagen van beursgenoteerde ondernemingen wordt tussen 3 ton en 1,3 miljoen euro betaald. Dat blijkt uit een analyse van de jaarverslagen...
Niet op je lauweren rusten
Als wetgeving een belangrijke drijfveer is om in actie te komen, zijn er nog genoeg redenen waarom grote ondernemers of accountants niet op hun lauweren moeten rusten,...
