Opinie

Azijnpissers

Het is een wat platte term, maar het is één van die woorden die nauwkeurig de gevoelswaarde oproepen die ze moeten oproepen. Volgens het woordenboek is het een zuurpruim of chagrijn, maar dat geeft het toch net niet goed weer.

Ik heb jarenlang desgevraagd beweerd dat de belangrijkste eigenschap van een accountant is dat hij, of zij, dom moet durven zijn. Nooit genoegen nemen met een verklaring die je maar half begrijpt, nooit uit schaamte voor je onbenul een vraag niet stellen. Domme vragen bestaan wel degelijk, en het is aan de accountant om ze te stellen. 

Weet u nog waarom Enron viel? Een belangrijk begin van de ineenstorting was het artikel in Fortune van Bethany McLean, dat onder de weinig inspirerende titel 'Is Enron overpriced?' de in die tijd domme vraag stelde: hoe verdient Enron geld?

Toen een maand later opnieuw een domme vraag werd gesteld, ditmaal door analist Richard Grubman, was het antwoord van de cfo van Enron: "Well, thank you very much, we appreciate that ... asshole."

Achteraf gezien waren twee domme vragenstellers degenen die bij velen de ogen openden. De bereidheid dom gevonden te worden tegen de stroom in maakte het verschil. 

In diezelfde tijd was de internet-bubble op zijn hoogtepunt. Oude economie was uit, de conjunctuurgolf was overwonnen, het economisch paradijs was aangebroken. Ondernemingen die het snelste cash uit het raam wisten te gooien waren het meest gewild, de sukkelaars die winst probeerden te maken hadden er allemaal niets van begrepen. 

Ik herinner me dat ik in die tijd in de kantine van mijn werkgever in gesprek raakte met een collega die onderzoek deed naar verschillende business-modellen voor internethandel. Ik herinner het me niet exact meer, maar de conclusies waren samen te vatten tot: "Je moet dat doen wat op basis van onderzoek het slechtste idee is." 

Ik heb me altijd voorgehouden dat lunchgesprekken in de kantine niet de beste basis zijn voor oordeelsvorming, maar ik ben het altijd raar blijven vinden. 

Toen de internet-bubble voorbij was, kon in retroperspectief worden vastgesteld dat de enkele azijnpisser (ja, daar had ik de titel voor nodig) gelijk had gehad, hoewel die periode ook heel veel moois en blijvends heeft opgeleverd. 

Toen ik enkele jaren geleden bij een hypotheekadviseur zat om eens te praten over mijn mogelijkheden om te verhuizen, was de conclusie al snel dat ik met mijn risk appetite geen huis kon kopen dat groot genoeg was voor een gezin zo groot als dat van ons. Mijn conclusie was: als mijn ouders konden opgroeien in een klein appartement samen met tien broers en zussen, waarom zouden mijn kinderen dan niet ook een kamer kunnen delen? 

Maar ik heb toch even aan de adviseur gevraagd hoe het mogelijk is dat leeftijdgenoten van me, die toch niet allemaal een veel hoger salaris konden hebben dan wat ik toen bij een van de big 4 verdiende, in veel grotere en luxere huizen woonden dan ik. Zijn heldere antwoord: omdat die mensen idiote financiële risico's nemen. Een financiële crisis later kan gezegd worden dat de azijnpissers gelijk hadden, hoewel de optimisten in de tussentijd wel ruimer gewoond hebben. 

Als u wilt kan ik nog tien voorbeelden geven waar steeds hetzelfde patroon blijkt: naar optimisten wordt geluisterd, azijnpissers zijn niet populair, en als er weer eens een crisis is overwonnen blijken de azijnpissers toch gelijk te hebben gehad. Maar ze hebben óók een boel moois gemist. 

En juist vanwege dat laatste aspect pleit ik zeker niet voor de accountant als azijnpisser. Azijnpissers mogen gelijk hebben, ze missen ook veel moois. Blijf maar gewoon domme vragen stellen, die zijn zonder azijn al nuttig genoeg.

Wat vindt u van deze opinie?

Reacties 0 0 Spelregels debat

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.