Opinie

It's about keeping score

Commercie in de accountancy is zowel een demoon als een engel. De mate waarin zij mag bestaan is wederom onderhevig aan veel debat. Het voorstel voor een inkomensplafond in de accountancy doet dan ook het nodige stof opwaaien.

Marcel Pheijffer stelt in zijn opinie dat de accountancy wordt gekenmerkt door hoge opbrengsten en een laag risico. Een aantrekkelijke business, zou men zeggen. In reactie hierop betoogt Jan Bouwens echter dat het omgekeerde waar is. Met The Wealth of Nations in zijn hand wordt gesteld dat het risico hoog is en dat een hoge beloning in de lijn der verwachting ligt. In de reacties op de opinies is vervolgens verder gedebatteerd. Hierbij is de angst die kenmerkend is voor de discussie zichtbaar. Als we de goede partners niet genoeg betalen, lopen ze weg uit het beroep.

En dat is iets wat ik mijzelf al langer afvraag; is het geld, waarvoor het allemaal gedaan wordt? Dat kan toch niet alles zijn? De werkdruk ligt hoog en de inkomens zijn 'laag'. Accountants lopen een gigantisch risico en zijn gedwongen te leven in schaamte voor ooit gemaakte fouten. Toch zijn er nog steeds ladingen  leerlingen die braaf op vrijdag (of donderdag en vrijdag) de schoolbanken in gaan met het idee ooit accountant te worden. En dat terwijl het niet zo is dat er buiten het publieke beroep geen kansen zijn. Nee, het beroep heeft wat. Dat zal ieder accountant kunnen beamen. De unieke rol, toebedeeld aan accountants om als vertrouwensman organisaties te mogen doorlichten. Het is een positie waarin zowel waarde voor een onderneming als voor het maatschappelijk gecreëerd kan worden. Er wordt gefunctioneerd op topniveau, in een setting van gelijkgestemden.

Als het beroep op zichzelf interessant genoeg is om high achievers aan te trekken, wat gaat er dan nu niet goed? Ik geloof dat accountants in beginsel goed willen doen. Men wordt geen accountant om rijk te worden, daar leent de adviestak zich beter voor. Het is de commercie in combinatie met de status quo in partnerstructuren die leidt tot perverse prikkels. De druk om (financieel) te presteren beperkt de accountant in het nemen van de tijd voor het doen van zijn werk. Iets waar hij volgens mij echt voldoening uit haalt. Het uitdrukken van het succes van de accountant in geld leidt tot een sectorbreed minderwaardigheidscomplex. Dat is wat mij nu gaande lijkt. Het gaat niet om het geld, it’s about keeping score. Dat is geen wenselijk situatie. Het winstbegrip is toe aan verbreding. Eerder voorgedragen oplossingen lijken deze kern te missen.

Omdat regelgeving zonder zingeving nutteloos is en het beroep te mooi is om ten onder te laten gaan aan het gegeven dat we niet in staat zijn succes te meten aan meer dan alleen geld, vraag ik het volgende: wat is je eigen, persoonlijke motivatie om 's ochtends het bed uit te komen en naar kantoor te gaan? Op het moment dat die persoonlijke motivatie publiekelijk helder is kunnen er oplossingen bedacht worden.

Dit is niet alleen een oproep om thuis over na te denken, maar spreek het uit. Het is een inzicht dat ik de Commissie Toekomst Accountancysector zou gunnen.

Wat vindt u van deze opinie?

Reacties 111 10 Spelregels debat

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.