Tuchtrecht

Niets vastgelegd over bedreiging objectiviteit

Twee accountants-administratieconsulenten hebben niets gedocumenteerd over hun omgang met een belangenconflict en kunnen in hoger beroep dus niet staven dat zij wel degelijk objectief waren.

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Zaaknummers:
16/1000 en 16/1001
Datum uitspraak:
12 februari 2018
Oordeel:
beroep van de ene accountant gegrond; dat van de ander ongegrond / klacht tegen de ene ongegrond en tegen de andere deels gegrond
Maatregel:
geen resp. waarschuwing
Status:
definitief
Vindplaats:
ECLI:NL:CBB:2018:69

Lex van Almelo

Belangrijkste feiten

De eigenaar van een transport- en kraanverhuurbedrijf wil de onderneming overdragen aan zijn zoon. Accountantskantoor BDO Eindhoven* stelt een memo op ten behoeve van de bedrijfsopvolging. Op basis daarvan worden vader en zoon het eens over de geleidelijke overname van alle aandelen voor 1,2 miljoen euro. De eerste tranche wordt eind december 2007 verkocht en geleverd. In 2010 volgt een tweede tranche, van 10 procent.

De ondernemer gaat een relatie aan met een ander en scheidt in september 2010 van zijn vrouw. Twee accountants-administratieconsulenten stellen in augustus en oktober 2010 een memo op ten behoeve onder meer de bedrijfsopvolging en de echtscheiding. In april 2011 worden de voortgang en de actiepunten inzake de bedrijfsopvolging besproken aan de hand van een geactualiseerd memo, van financiële overzichten en van de conceptrapporten van de jaarrekeningen die de accountants hebben opgesteld.

Een jaar later vraagt de ondernemer aan één van de accountants hoe hij denkt over de mogelijke afwaardering van de aandelen. In het kader van de herwaardering van de aandelen schakelt de zoon van de ondernemer een expert in, die in september 2012 overlegt met de ene accountant. Korte tijd later bespreekt deze accountant op zijn kantoor de herziening van de bestaande aandelenstructuur met de ondernemer, zijn vriendin en diens voormalige zwager.

De bedoeling is de bedrijfsopvolging te versnellen door de rest van de aandelen – 70 procent - over te dragen aan de zoon. De accountant schrijft de expert dat hij de drie ton, die de expert voorstelt, aan de lage kant vindt. Gezien de gegeven situatie op dat moment is hij echter bereid het voorstel te ondersteunen. In maart 2013 passeert de notaris de leveringsakte van de resterende aandelen.

Eind 2015 dient de ondernemer een klacht tegen de accountants in bij de Accountantskamer. Die vindt dat de accountants ten onrechte niets hebben vastgelegd over de bedreigingen van hun objectiviteit noch in hoeverre zij de partijen duidelijk hebben gemaakt wat hun rol was. De Accountantskamer legt hun een waarschuwing op. Zowel de ondernemer als de accountants gaan in beroep.

Beroepsgronden

  1. De accountants vinden dat zij wel degelijk objectief hebben gehandeld.
  2. Eén van de accountants vindt dat haar rol bij de bedrijfsoverdracht zo gering was dat zij daarvoor niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk kan worden gehouden.
  3. De ondernemer herhaalt in hoger beroep dat de accountants zijn belangen onvoldoende hebben behartigd.

Oordeel

Beroepsgrond 2 is gegrond.

Ad 1

Omdat er in het dossier niets is vastgelegd over de (mogelijke) bedreiging voor de objectiviteit kan niet worden vastgesteld dat de accountants daarvoor voldoende aandacht hebben gehad.

Ad 2

Het college vindt dat de rol van de tweede accountant bij de bedrijfsoverdracht inderdaad van ondergeschikte betekenis is geweest. Zij was lid van het team dat samenstelwerkzaamheden verrichtte voor de onderneming en deed daarnaast werkzaamheden voor de ondernemer in privé. Laatstgenoemde werkzaamheden vloeiden voort uit de opdracht om vermogens- en inkomensoverzichten op te stellen.

In het dossier zijn geen aanknopingspunten te vinden dat zij direct betrokken was bij de begeleiding van de bedrijfsoverdracht. Zij heeft slechts ondersteunende werkzaamheden verricht voor de andere accountant door een aantal cijferoverzichten op te stellen op grond van de gegevens en uitgangspunten die de andere accountant aanleverde. Deze beperkte, ondersteunende rol bij de begeleiding van de bedrijfsoverdracht is te gering om haar ook tuchtrechtelijk verantwoordelijk te houden voor de schending van het objectiviteitsbeginsel.

Ad 3

Volgens de ondernemer hebben de accountants:

  • er niet op toegezien dat de vaststellingsovereenkomst over de aangepaste boedelverdeling werd ondertekend door de ondernemer en zijn voormalige echtgenote, vóórdat de aandelen werden overgedragen;
  • niet zelfstandig de aandelen gewaardeerd, maar klakkeloos de waardering van de senior advisor van BDO Finance aanvaard.

De ondernemer wilde na de bedrijfsoverdracht voldoende contanten hebben om zijn hobby te kunnen blijven financieren, zijn voormalige echtgenote daarbij niet tekort doen en zijn zoon in staat stellen om het familiebedrijf succesvol voort te zetten. Gezien deze randvoorwaarden vindt het college het resultaat van de onderhandelingen niet zo onaanvaardbaar dat je moet zeggen dat de accountants de belangen van de ondernemer onvoldoende hebben behartigd. De betrokken accountant heeft voornoemde randvoorwaarden als uitgangspunt genomen. De (financiële) gevolgen van de bedrijfsoverdracht voor de ondernemer zijn in detail besproken met onder anderen de ondernemer en zijn voormalige echtgenote. Over de (ver)koopprijs van de aandelen en de voorwaarden van de (ver)koop was iedereen het eens.

Maatregel

Waarschuwing voor de leidende accountant. Er kan niet worden vastgesteld of, en zo ja hoe, hij aandacht heeft besteed aan de (mogelijke) bedreigingen van de objectiviteit. In tegenstelling tot de accountant vindt het college dat vastlegging geen formaliteit is, maar eraan bijdraagt dat de accountant zich bewust wordt van de bedreigingen en deze adequaat het hoofd biedt.

Annotatie Lex van Almelo

In het dossier vastleggen dat je notie hebt genomen van de bedreiging voor de objectiviteit (of de naleving van een ander fundamenteel beginsel) is geen formaliteit. Het helpt je om bewust om te gaan met de bedreiging en adequate maatregelen te treffen om de objectiviteit en naleving te waarborgen. Bovendien, zo bleek, heb je zonder vastlegging in een tuchtprocedure geen poot om op te staan als je beweert dat je wel degelijk objectief was.

*) De naam van het kantoor en de locatie van de vestiging worden genoemd in de uitspraak.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.