Tuchtrecht

Contactpersoon niet inhoudelijk betrokken bij onvolledige aangifte

Een accountant-administratieconsulent trad slechts op als contactpersoon en was niet betrokken bij een aangifte die incompleet was. De klacht tegen hem wordt daarom alsnog ongegrond verklaard.

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Zaaknummers:
17/1827
Datum uitspraak:
31 juli 2018
Oordeel:
beroep gegrond / klacht ongegrond
Maatregel:
geen
Status:
definitief
Vindplaats:
ECLI:NL:CBB:2018:395

Lex van Almelo

Belangrijkste feiten

Een accountant-administratieconsulent vraagt een huisarts om gegevens, zodat de aangiften inkomstenbelasting 2014 kunnen worden opgesteld en stuurt daarna de conceptaangiften IB 2014 aan de klant en zijn partner. Tien dagen later stuurt hij de huisarts het aangifterapport 2014. Daarin staat een berekening van de verschuldigde belastingen en premies en een toelichting op de aangifte.

De huisarts machtigt een fiscaal jurist dan wel een andere medewerker van het kantoor om namens hem de aangifte IB 2014 elektronisch te ondertekenen en te verzenden aan de Belastingdienst. De huisarts verklaart dat de inhoud in overeenstemming is met de gegevens die hij zonder voorbehoud heeft aangeleverd aan het kantoor en gaat akkoord met de inhoud van de aangifte.

De accountant meldt enige tijd later dat de Belastingdienst wil afwijken van de aangifte, omdat enkele jaaropgaven over 2014 ontbreken, te weten:

  • de inkomsten van de huisartsenpraktijk ad 4366 euro;
  • de inkomsten uit een bv ad 25.680 euro;
  • inkomsten uit vroegere arbeid ad 43.116 van de partner.

Verder is gebleken dat de huisarts en zijn partner ten onrechte 1665 euro aan zorgtoeslag hebben ontvangen, die moet worden terugbetaald.

De huisarts is onaangenaam verrast en beklaagt zich bij de klachtencommissie van het kantoor over het vergeten van de 73.126 euro aan inkomsten en het – zonder zijn medeweten – aanvragen van zorgtoeslag. Als de huisarts na twee maanden niets heeft gehoord, reclameert hij.

In plaats van een reactie van de klachtencommissie ontvangt de huisarts een factuur. Hij stuurt de directie een aangetekende brief, waarop een registeraccountant antwoord geeft. De registeraccountant betreurt een en ander ten zeerste, maar hij kan alleen maar concluderen dat de juiste procedures zijn gevolgd. Het kantoor kan moeilijk vaststellen of de aangereikte jaaropgaves c.q. inkomens volledig zijn. De huisarts heeft boter op het hoofd, omdat hij een concept van de aangifte heeft ontvangen, maar de “onvolkomenheid” over het hoofd heeft gezien.

De huisarts dient een klacht tegen de accountant-administratieconsulent en de registeraccountant in bij de Accountantskamer. Volgens hem heeft de AA onjuiste IB-aangiften ingediend en de RA de klacht niet bevredigend afgehandeld. De klacht tegen de RA is ongegrond. De Accountantskamer verklaart de klacht tegen de AA echter gegrond en legt een waarschuwing op. De AA gaat in hoger beroep.

Beroepsgronden

De aangiften zijn opgesteld door een assistent-accountant en vervolgens beoordeeld door een fiscaal jurist. De AA was er (vak)inhoudelijk niet bij betrokken en was slechts de contactpersoon namens het kantoor. Verder was het de verantwoordelijkheid van de huisarts om de juiste en volledige gegevens aan te leveren.

Oordeel

Het beroep is gegrond.

De accountant stelde vanaf 2005 tot 2008 als assistent-accountant de aangiften inkomstenbelasting voor de huisarts op en was in die tijd ook de contactpersoon voor deze klant. Sinds 2008 werkt hij als accountant-administratieconsulent en doet hij geen inhoudelijke werkzaamheden meer voor belastingaangiften. Om de contacten niet te veel te laten versnipperen en om de continuïteit te waarborgen is hij wel de contactpersoon gebleven voor de huisarts.

Het inhoudelijke werk voor belastingaangiften wordt sinds 2008 gedaan door een andere assistent-accountant die onder toezicht staat van een fiscalist, die eindverantwoordelijk is voor de belastingaangiften. De beklaagde AA heeft voor de belastingaangiften over 2014 alleen maar gegevens van en aan de huisarts doorgestuurd.

Volgens het College van Beroep voor het bedrijfsleven was de AA niet inhoudelijk of vaktechnisch betrokken bij het opstellen van de belastingaangiften over 2014 van de huisarts en zijn partner. De huisarts had er vanwege de door hem ondertekende machtiging op bedacht kunnen zijn dat:

  • niet zijn contactpersoon, maar de fiscaal jurist of een andere medewerker van het kantoor namens hem de aangifte(n) inkomstenbelasting 2014 zou ondertekenen en aan de Belastingdienst zou verzenden;
  • de rol van de beklaagde AA om die reden ook beperkt zou kunnen blijven tot die van contactpersoon.

De beklaagde AA is daarom niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk voor het indienen van de belastingaangiften over 2014.

Maatregel

Geen.

Annotatie Lex van Almelo

Wanneer je slechts optreedt als contactpersoon en (vak)inhoudelijk niet betrokken bent bij de gebeurtenissen waarover wordt geklaagd, ben je daarvoor niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk als:

  • de feitelijke verantwoordelijkheid bij iemand anders van het kantoor ligt;
  • de klant dit kan weten, bijvoorbeeld omdat deze een machtiging heeft ondertekend waaruit dit blijkt;
  • de eindverantwoordelijke is onderworpen aan eigen tuchtrecht.

De voorwaarde uit de laatste bullet blijkt niet zozeer uit deze uitspraak als wel uit eerdere tuchtrechtspraak. Het komt erop neer dat de huisarts maar een klacht moet indienen tegen de belastingadviseur. De AA komt dus met de schrik vrij en schuift de Zwarte Piet feitelijk door naar zijn kantoorgenoot. Dat is natuurlijk zijn goed recht. Maar gezelliger zal het er niet door worden op dat kantoor.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.