Echtscheidingsconvenant niet uitgevoerd
Een accountant-administratieconsulent moet een echtscheidingsconvenant uitvoeren, maar doet tien jaar vrijwel niets. Ook reageert hij niet (tijdig) op vragen van één der partijen.
Accountantskamer
- Zaaknummers:
- 24/3943 Wtra AK
- Datum uitspraak:
- 31 juli 2026
- Oordeel:
- deels gegrond
- Maatregel:
- waarschuwing
- Status:
- nog niet definitief
- Vindplaats:
- ECLI:NL:TACAKN:2026:68
Lex van Almelo
Belangrijkste feiten
Een vrouw is in algehele gemeenschap van goederen gehuwd met een man wiens moeder een terminale ziekte heeft. In juni 2011 benoemt de kantonrechter in Zutphen een accountant-administratieconsulent tot bewindvoerder over de goederen van de (schoon)moeder, die tien weken later overlijdt. De man is de enige erfgenaam, verder zijn er enkele legatarissen. In een uitsluitingsclausule in het testament staat dat de erfenis niet zal vallen in welke huwelijksgoederengemeenschap van de man dan ook.
In maart 2012 is de accountant bij notariële akte benoemd tot opvolgend executeur van de nalatenschap van de (schoon)moeder en opvolgend bewindvoerder over de kinderen van de vrouw en de man. Ultimo 2012 legt de accountant rekening en verantwoording af als bewindvoerder van de erflaatster over de laatste periode tot het overlijden. Negen dagen later eindigt de bewindvoering.
In 2014 gaan de vrouw en de man uit elkaar en regelen de gevolgen van hun echtscheiding in een convenant, dat mede is ondertekend door de accountant en een hoogleraar/adviseur. Daarin staat dat:
- de vrouw en de man hun bezittingen half om half met elkaar willen verdelen, zonder de uitsluitingsclausule uit het testament in acht te nemen;
- de uitkomst wordt dat de man en de vrouw geen schulden aan elkaar zullen hebben;
- zij zich ervan bewust zijn dat dit een schenking inhoudt van de man aan de vrouw, waarvoor aangifte schenkbelasting zal worden gedaan;
- de accountant de executeur-testamentair is in de nalatenschap van de (schoon)moeder;
- de accountant ook bewindvoerder is;
- de accountant dit op "wettelijke wijze" zal afwikkelen in samenwerking met de hoogleraar/adviseur;
- de accountant en de hoogleraar worden gemachtigd om voor al het voorgaande te doen wat nodig of wenselijk is;
- daaronder wellicht ook valt dat zij handelen in het aandelenbelang in de bv van de man en de aangiften vpb-, ib- en schenkbelasting verzorgen;
- zij daarover rapporteren aan de man en de vrouw;
- als gemachtigden de tenuitvoerlegging van de verplichtingen op zich nemen uit hoofde van het convenant, ten bewijze waarvan zij deze overeenkomst medeondertekenen;
- de man en de vrouw mogelijke vragen zullen voorleggen aan de accountant en de hoogleraar samen, die hierover te goeder trouw en in het belang van de man en de vrouw samen bindend uitspraak zullen doen.
De vrouw informeert meerdere keren bij de accountant naar de stand van zaken bij de uitvoering van het convenant en maant hem tevergeefs om tot afwikkeling te komen. Zij begint een procedure tegen de accountant als executeur van de nalatenschap van de moeder en vordert daarin afgifte van (kopieën van) de verantwoording over de afwikkeling van de nalatenschap, inclusief bescheiden die de hoogte van de nalatenschap in depot aantonen en onderbouwen. In deze procedure heeft de accountant een rekening en verantwoording overgelegd zonder de onderbouwende stukken. De rechtbank Midden-Nederland verklaart de vrouw in juni 2024 niet-ontvankelijk in haar vorderingen, omdat de accountant niet langer executeur is.
De vrouw dient een tuchtklacht tegen de accountant in bij de Accountantskamer.
Klacht
De accountant heeft zijn werkzaamheden niet correct uitgevoerd volgens het convenant en zich niet gehouden aan de toezegging dat hij verantwoording zou afleggen aan de hoogleraar, de man en de vrouw.
Oordeel
Volgens de vrouw heeft de accountant zijn opdracht ondanks herhaalde verzoeken nog steeds niet uitgevoerd. Pas in het kader van de civielrechtelijke procedure heeft hij voor het eerst – dus ruim tien jaar na het aanvaarden van de opdracht – een summier overzicht overgelegd met de ondertitel 'Rekening en verantwoording'. Volgens de vrouw is dit overzicht onvolledig en onjuist en geen voltooiing van de opdracht. De vrouw heeft het verantwoordingsdocument alleen gekregen omdat zij de civielrechtelijke procedure is begonnen.
In het kader van de opdracht had de accountant die informatie al veel eerder uit eigen beweging moeten delen met de vrouw en daarbij ook verantwoording moeten afleggen over de afwikkeling van de nalatenschap, zodat dat het totale te verdelen vermogen kon worden vastgesteld.
Volgens de accountant had de vrouw vanaf het begin geen vertrouwen in zijn functioneren. Hij heeft meerdere keren gepoogd samen met de hoogleraar tot een afwikkeling van de huwelijksgoederengemeenschap te komen, maar de vrouw heeft gekozen voor de ramkoers. Volgens de accountant is er geen opdracht, maar mogelijk wel een inspanningsverbintenis op basis van het convenant. Als er al een opdracht is geweest, dan bestaat die niet meer omdat de vrouw de hoogleraar in 2022 buitenspel heeft gezet. In januari 2025 heeft hij aangeboden om onder voorwaarden (alsnog) te voldoen aan de wens van de vrouw, die dit aanbod echter heeft afgewezen.
Volgens de Accountantskamer is het convenant een meerpartijenovereenkomst, waarin de vrouw en de man aan onder andere de accountant de opdracht hebben verstrekt om de gemaakte afspraken over de vaststelling en verdeling uit te voeren. De afwikkeling van de nalatenschap van de schoonmoeder was daarvan een onderdeel. Door het convenant mede te ondertekenen heeft de accountant de opdracht aanvaard.
Dat de accountant alleen een inspanningsverbintenis zou hebben, kan de Accountantskamer niet volgen. De accountant was niet alleen opdrachtnemer onder het convenant, maar ook bewindvoerder van de erflaatster, opvolgend executeur in haar nalatenschap en bewindvoerder van de kinderen van de vrouw en de man.
De overeenkomst is niet opgezegd of anderszins geëindigd. De vrouw heeft de hoogleraar/adviseur weliswaar medegedeeld dat zij van zijn diensten geen gebruik meer wilde maken. Daaruit kon de accountant niet zonder meer de conclusie trekken dat de opdracht (ook) voor hem was beëindigd. Als de accountant dat al meende of vond dat hij de opdracht kon beëindigen vanwege de gang van zaken dan had hij daarover duidelijk moeten communiceren met de (overige) partijen bij de overeenkomst, maar dat heeft hij niet gedaan.
Overigens heeft de accountant in november 2022 in een e-mail aan een jurist geschreven dat hij het testament samen met de hoogleraar zou gaan afwikkelen. En in februari 2023 ging hij daarvan uit in een e-mail aan de hoogleraar en vroeg hij om (her)bevestiging daarvan. De opgedragen werkzaamheden zijn een professionele dienst volgens de VGBA, zodat de accountant zich moest houden aan alle fundamentele beginselen.
Van een accountant die een opdracht heeft aanvaard, mag worden verwacht dat deze voldoende voortvarend te werk gaat. In artikel 13 lid 2 VGBA staat namelijk dat een accountant een professionele dienst nauwgezet, grondig en tijdig uitvoert. De Accountantskamer stelt vast dat de accountant ruim twaalf jaar na de verstrekking van de opdracht nog altijd niet de omvang van de huwelijksgoederengemeenschap heeft vastgesteld, laat staan heeft verdeeld. Uit het dossier blijkt dat de vrouw hem in elk geval vanaf juli 2022 heeft aangespoord, maar vergeefs.
De accountant had feiten en omstandigheden moeten aanvoeren waaruit volgt dat het uitblijven van zijn prestatie hem niet te verwijten is. Dat heeft hij niet gedaan. De Accountantskamer vindt daarom dat de accountant in strijd heeft gehandeld met het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid door niet voldoende voortvarend te werk te gaan.
Van een accountant mag ook worden verwacht dat deze met voldoende voortvarendheid reageert op vragen die worden gesteld. Uit de overgelegde correspondentie blijkt dat de accountant vaak langdurig niet (afdoende) heeft gereageerd op inhoudelijke en herhaalde vragen die de vrouw of haar advocaat hem heeft gesteld over de werkzaamheden die hij moest uitvoeren. De accountant heeft geen feiten of omstandigheden aangevoerd waaruit volgt dat hij wel degelijk voldoende voortvarend heeft gereageerd of dat hem niet kan worden verweten dat hij niet heeft gereageerd. De Accountantskamer ziet een patroon van niet tijdig en niet (voldoende) inhoudelijk reageren op inhoudelijke vragen die een klant hem heeft gesteld.
De accountant heeft in strijd gehandeld met het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. Als hij het op enig moment, om welke reden dan ook, niet meer mogelijk of wenselijk vond de overeengekomen werkzaamheden te voltooien, dan had hij daarover duidelijkheid moeten verschaffen. Ook dat heeft hij echter (steeds) niet gedaan.
De accountant heeft nog aangevoerd dat de vrouw weigerde te betalen, maar ook op dat punt heeft hij niet duidelijk gecommuniceerd. Door de overeengekomen werkzaamheden niet tijdig te verrichten en niet voortvarend genoeg te reageren op inhoudelijke vragen heeft hij in strijd gehandeld met het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid.
Maatregel
Waarschuwing. De vrouw heeft zich vanaf 11 juli 2022 beklaagd over de trage afwikkeling van het te verdelen vermogen en is eind 2022/begin 2023 een procedure begonnen tegen de accountant in zijn hoedanigheid van executeur in de nalatenschap van erflaatster. Waarom hij niet eerder tot een financiële afwikkeling heeft kunnen komen, heeft de accountant niet duidelijk kunnen maken. De accountant is niet voortvarend te werk gegaan en heeft niet adequaat gereageerd op vragen van de vrouw. Na de uitspraak van de rechtbank in juni 2024 heeft de accountant geprobeerd om samen met de hoogleraar/adviseur (alsnog) tot een definitieve financiële afwikkeling en verdeling te komen.
Gezien de aard en ernst van de normschending, de mate van verwijtbaarheid, de omstandigheden waaronder de gedraging plaatsvond, de gevolgen van de gedraging en het gebrek aan een tuchtrechtelijk verleden van de accountant vindt de Accountantskamer een zakelijke terechtwijzing in de vorm van een waarschuwing passend.
Annotatie Lex van Almelo
Een accountant moet een opdracht voldoende voortvarend – want nauwgezet, grondig en tijdig – uitvoeren en vragen van de klant hierover voortvarend beantwoorden. Dat heeft de accountant-administratieconsulent in deze zaak niet gedaan. De accountant had verschillende rollen. Hij was door de rechtbank benoemd tot bewindvoerder van de moeder van een man, die in scheiding lag. Na het overlijden van de moeder is de accountant op basis van een notariële akte benoemd tot executeur van de nalatenschap van de moeder en tot opvolgend bewindvoerder over de kinderen van de man en zijn vrouw. De afwikkeling van de nalatenschap is van belang voor de vrouw, omdat zij en haar man in het echtscheidingsconvenant hebben afgesproken de bezittingen half om half met elkaar te verdelen. In het testament staat weliswaar een uitsluitingsclausule (de nalatenschap mag in geen enkele huwelijksgoederengemeenschap van de man vallen), maar omdat de exen in gemeenschap van goederen waren getrouwd en geen schulden aan elkaar willen hebben, negeren zij de clausule en doet de man een schenking. In het convenant staat dat de accountant (met een adviseur) het nodige zal doen om de afspraken uit te voeren en (dus ook) de nalatenschap af te wikkelen. Maar ruim twaalf jaar na de verstrekking van deze opdracht heeft de accountant de omvang van de huwelijksgoederengemeenschap nog altijd niet vastgesteld, laat staan verdeeld. De vrouw heeft hem vanaf medio 2022 (of vroeger) aangespoord, zonder resultaat. Bij de Accountantskamer beweert de accountant dat hij geen opdracht heeft, maar hooguit een inspanningsverplichting. Aan die verplichting kon hij niet voldoen omdat de vrouw op ramkoers lag en de andere adviseur buitenspel zou hebben gezet. Zij is een civielrechtelijke procedure tegen hem begonnen als executeur van het testament. Hoe het ook zij – de accountant heeft de opdracht aanvaard door het convenant mede te ondertekenen. Begin 2025 heeft hij de vrouw aangeboden om de goederengemeenschap onder voorwaarden (alsnog) af te wikkelen, maar de vrouw zou dit aanbod hebben afgewezen.
De accountant heeft de tuchtrechter niet kunnen uitleggen waarom de financiële afwikkeling zo lang op zich heeft laten wachten. Waarom hij niet of steeds te laat met een reactie op de vragen van de vrouw kwam, is evenmin duidelijk.
Welke maatregel verwacht u voor een accountant die tien á twaalf jaar vrijwel niets doet en niet reageert op vragen van één van de klanten, omdat die de confrontatie aangaat? De Accountantskamer komt op basis van een weinigzeggende standaardformulering uit op een waarschuwing. Eén van de factoren die leiden tot mildheid is "de gevolgen van de gedraging". Ik vind deze motivering ontoereikend.
