Fiscaal

Toerekening belastinglatentie bij BOR

De Hoge Raad heeft onlangs duidelijk gemaakt welk deel van de belastinglatentie in mindering kan worden gebracht bij het vaststellen van de belaste verkrijging van ondernemingsvermogen.

Geert de Jong

Bij de verkrijging krachtens schenking of vererving van ondernemingsvermogen (onderneming of aanmerkelijk belangaandelen) wordt onder voorwaarden de aanmerkelijk belangheffing over de waarde van het ondernemingsvermogen doorgeschoven. Voor de schenk- en erfbelasting mag dan rekening worden gehouden met een forfaitair bepaalde latente inkomstenbelastingclaim. De Hoge Raad heeft onlangs geoordeeld dat een evenredig deel van de belastinglatentie in mindering kan worden gebracht bij het vaststellen van de belaste verkrijging van ondernemingsvermogen. 

Afrekening en doorschuiving

Bij de schenking of vererving van een onderneming of aanmerkelijk belangaandelen dient in principe inkomstenbelasting te worden voldaan. Voor zover de verkrijging ziet op ondernemingsvermogen kan onder voorwaarden gebruik worden gemaakt van een doorschuifregeling. De heffing van inkomstenbelasting wordt dan doorgeschoven/uitgesteld. Ter behoud van de claim gaat de verkrijger verder met de fiscale boekwaarden van de erflater/schenker. Voor de verkrijging voor de successiewet mag rekening worden gehouden met een latente inkomstenbelasting van: 

  • 20 procent van de stille en fiscale reserves bij verkrijging van een IB-onderneming;
  • 6,25 procent over de ab-claim (werkelijke waarde minus verkrijgingsprijs) bij verkrijging van aanmerkelijk belangaandelen.

Toerekening

De Hoge Raad heeft op 12 juli 2013 bepaald dat bij de berekening van de vrijstelling uit hoofde van de bedrijfsopvolgingsregeling in de Successiewet (BOR SW) geen rekening hoeft te worden gehouden met de latente belastingschuld.

Bij de berekening van de omvang van de (belaste) verkrijging moet wél rekening worden gehouden met de latente belastingschuld. Indien de BOR van toepassing is, kan een deel van het verkregen vermogen onbelast zijn (ondernemingsvermogen) en een deel belast (beleggingsvermogen).

Het is voor de belastingplichtige natuurlijk het meest interessant als de latente inkomstenbelasting in mindering mag worden gebracht op het belaste deel van het vermogen. De Hoge Raad oordeelde op 14 april van dit jaar dat de toerekening van de latentie evenredig moet plaatsvinden. Dit is weliswaar minder voordelig voor de belastingplichtige, maar wel in lijn met de parlementaire geschiedenis en eerdere jurisprudentie.

Voorbeeld

Stel vader overlijdt en laat alle aandelen in zijn actieve bv na aan zijn dochter. De waarde van de aandelen bedraagt € 2.100.000. De verkrijgingsprijs bedraagt € 100.000. De latente inkomstenbelasting kan - onder verwijzing naar wat ik hiervoor vermeldde - worden gesteld op (€ 2.100.000 - € 100.000) * 6,25 procent = € 125.000.

Berekening omvang vrijstelling BOR
 
Waarde van de aandelen € 2.100.000
 
100%-vrijstelling €     1.063.479
83% vrijstelling over meerdere “         860.312
Maximaal te benutten vrijstelling €      1.923.791
   
Berekening belaste schenking  
   
Verkrijging €  2.100.000
af: vrijstelling op grond van BOR “     1.923.791
  €        176.209

af: aan belaste deel toerekenbare belastinglatentie:

“           10.488       (*)
Belaste verkrijging €         165.721
   
(*) (€ 176.209 / € 2.100.000) x € 125.000 = € 10.488
Het grootste deel van de latentie ad € 125.000 (€ 125.000 - € 10.488 = € 114.512) wordt dus toegerekend aan het (toch al) vrijgestelde deel van de verkrijging.

Bronnen

 

(*) (€ 176.209 / € 2.100.000) x € 125.000 = € 10.488

Geert de Jong is partner/belastingadviseur bij Grant Thornton Accountants en Adviseurs BV.

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.