RAL - Die Welt als Wille und Vorstellung
Na jarenlang 'klooien met computers', stort Arnout van Kempen zich nu wekelijks op literatuur. Deel zeven in de reeks 'RAL' (Relevante Accountants Literatuur) gaat over de wereld als wil en voorstelling.
Arnout van Kempen
De wereld als wil en voorstelling, het hoofdwerk van Arthur Schopenhauer, verscheen in de eerste versie in 1819. Het is een reactie op, of wellicht een uitwerking van, de filosofie van Immanuel Kant. Kant maakt onderscheid tussen de wereld zoals zij aan ons verschijnt en de wereld zoals zij onafhankelijk van onze waarneming zou kunnen zijn. Dat laatste noemt hij das Ding an sich. De liefhebbers herkennen hier ook wel Plato in, die de wereld zoals we die waarnemen ziet als schaduwen in een grot, terwijl we de 'ideeën' niet zien, maar zij zijn wel wat de schaduwen veroorzaken.
Schopenhauer volgt het denken over de wereld zoals we die waarnemen. Dat is de Welt als Vorstellung, de wereld die we slechts kennen via onze zintuigen en via ons verstand. Een boom is dan geen boom, maar een boom-zoals-ik-die-waarneem. Tot zover gebeurt er nog niet iets heel bijzonders. De grote stap van Schopenhauer is dat hij beweert tóch iets over het Ding an sich te kunnen zeggen, door de vraag te beantwoorden of er naast de zintuigen nog iets is dat we daadwerkelijk kennen. Zijn antwoord is het lichaam.
Neem je arm. Van buiten is mijn arm een object tussen andere objecten. Iemand anders ziet hem zo en ik kan hem zelf ook zo bekijken. Maar van binnen ervaar ik iets heel anders. Ik besluit mijn arm op te tillen. Ik zie niet eerst een oorzaak en daarna een beweging. Ik ervaar de beweging onmiddellijk als uitdrukking van mijn willen. De wil en de handeling zijn voor mij twee kanten van hetzelfde verschijnsel.
Van daaruit generaliseert Schopenhauer: Als mijn lichaam van binnen wil is en van buiten voorstelling, waarom zou dat niet voor de hele natuur gelden? De wereld blijkt dan twee gezichten te hebben:
Van buiten: voorstelling.
Van binnen: wil.
Schopenhauer concludeert niet dat dit een menselijke, vrije wil is. In tegendeel, hij concludeert dat de wil buiten de mens staat en niet vrij is. Mensen hebben wel de illusie van vrije wil, maar daarin ligt geen bewijs dat de mens echt een vrije wil heeft. Stel je staat voor een splitsing, je kan rechtsaf gaan en je kan linksaf gaan. Je gaat rechts en je zegt "dat was een vrij keuze, ik had ook links kunnen gaan". Maar is dat wel zo? Er is geen enkel bewijs dat je links had kunnen gaan. Immers, je bent rechts gegaan. De vrije wil is een illusie die zich niet laat bewijzen. Schopenhauer zegt: "Je kunt doen wat je wilt, maar je kunt niet willen wat je wilt."
Schopenhauer ziet de wil niet alleen als onvrij, maar ook niet als iets positiefs. Wel is er een soort ontsnapping en wel via de kunst. Schopenhauer beschouwt de kunsten hiërarchisch. Schilderkunst toont de Ideeën. Literatuur toont menselijke motieven. Maar muziek is anders. Muziek is volgens hem niet een afbeelding van de wereld, maar een directe uitdrukking van de wil zelf. Daarom kan muziek ons even boven de individuele verlangens uittillen. Terwijl we luisteren, zijn we niet meer bezig met onze eigen honger, ambitie of angst.
In paragraaf 52, derde boek, van Die Welt schrijft hij het zo:
Sie [Die Musik] drückt daher nicht diese oder jene einzelne und bestimmte Freude, diese oder jene Betrübniß, oder Schmerz, oder Entsetzen, oder Jubel, oder Lustigkeit, oder Gemüthsruhe aus; sondern die Freude, die Betrübniß, den Schmerz, das Entsetzen, den Jubel, die Lustigkeit, die Gemüthsruhe selbst, gewissermaaßen in abstracto, das Wesentliche derselben, ohne alles Beiwerk, also auch ohne die Motive dazu. Dennoch verstehn wir sie, in dieser abgezogenen Quintessenz vollkommen. Hieraus entspringt es, daß unsere Phantasie so leicht durch sie erregt wird und nun versucht, jene ganz unmittelbar zu uns redende, unsichtbare und doch so lebhaft bewegte Geisterwelt zu gestalten und sie mit Fleisch und Bein zu bekleiden, also dieselbe in einem analogen Beispiel zu verkörpern.
(Schopenhauer)
En dat is relevant, omdat…
…de jaarrekening wil wat muziek wil en aan hetzelfde tekortschiet.
Een factuur is een gebeurtenis. Een boekhouding is een verhaal. Een jaarrekening is een compositie. Maar let op wat Schopenhauer precies over muziek beweert, want het is radicaler dan het lijkt. Muziek is bij hem géén Vorstellung. Alle andere kunsten beelden iets af (de schilderkunst de ideeën, de literatuur het menselijk handelen) en zijn dus afbeelding van een afbeelding. Muziek niet. Muziek gaat aan de ideeën voorbij en is unmittelbar Abbild des Willens selbst: de directe afdruk van de wil, zonder omhulsel, ohne alles Beiwerk, also auch ohne die Motive dazu.
De voor de hand liggende conclusie is dat de jaarrekening dan juist het tegenovergestelde van muziek is. Zij representeert immers, via een formele taal vol conventies, waarderingsgrondslagen en keuzes. Zij is Vorstellung in het kwadraat. Zij hoort bij de schilderkunst, niet bij de muziek.
Ik wil de andere kant op. Ik wil de gevaarlijke stelling verdedigen dat de jaarrekening, voor wie haar kan horen, wel degelijk de directe uitdrukking is van de wil van de onderneming.
Welke wil? Niet de strategie, dat is motief en motieven zijn nu juist Beiwerk. Niet de doelen, dat zijn de ideeën. Wat eronder ligt is het naakte streven zelf en de accountancy heeft er een naam voor: de continuïteitsveronderstelling. Going concern is de Wille zum Leben. De onderneming wil voortbestaan zonder reden, niet omdat een specifiek doel het eist, maar omdat het de aard van kapitaal is te willen. Blind, grondloos, onverzadigbaar.
En hier wordt de vergelijking met muziek ineens letterlijk in plaats van sierlijk. Schopenhauer beschrijft de melodie als een voortdurend afwijken van de grondtoon, met altijd een terugkeren naar de grondtoon, ein stetes Abweichen vom Grundton (…) aber immer folgt ein endliches Zurückkehren zum Grundton. Dat is de boekhouding. De grootboekcyclus wijkt af en keert terug. En er is een werkelijke grondtoon: activa is passiva, debet is credit. Alles mag afdwalen door het jaar heen, maar het keert onverbiddelijk terug naar dat evenwicht, anders is het geen jaarrekening meer; precies zoals Schopenhauers melodie ophoudt muziek te zijn zodra zij de grondtoon niet hervindt. De afzonderlijke transacties zijn de noten. De balans is de grondtoon. Het streven naar continuïteit is de melodische lijn die het geheel betekenis geeft.
En zoals de wil nooit verzadigd raakt, Wunsch, Befriedigung, neuer Wunsch, elke vervulde wens baart de volgende, zo is geen jaarrekening ooit klaar. Winst wordt geherinvesteerd, het streven herbegint, het volgende boekjaar opent. Onder elke jaarrekening ligt een verlangen dat zich niet laat verlossen. En hier is de onderneming juist niet menselijk: zij streeft eeuwig en lijdt er niet onder, omdat er niemand thuis is om te lijden.
Maar dan stuit ik op het bezwaar dat alles lijkt te breken. Schopenhauers muziek wordt von jedem augenblicklich verstaan, onmiddellijk, door iedereen, ongeschoold. Een jaarrekening juist niet. Die moet je leren lezen. Is zij dan toch niet gewoon een aangeleerde conventie, en dus Vorstellung?
De redding zit in het woord partituur. Want een partituur is óók de muziek niet. Het notenschrift is dode conventie, tekens op papier, pure Vorstellung, tot iemand het inwendig hoort. Voor de leek is de jaarrekening notenschrift: een raster van cijfers. Voor wie oren heeft, klinkt de wil er rechtstreeks doorheen. Schopenhauer zegt zelf dat het wezenlijke alleen voor de enkeling toegankelijk is. De directe verstaanbaarheid van muziek geldt dus niet ondanks, maar via de ingewijde.
En dat verandert wat een accountant is. Hij leest geen cijfers. Hij hoort een compositie. En daarom hoort hij ook de valse noot, de dissonant die zich als consonant vermomt, de toon die voorgeeft naar de grondtoon terug te keren maar het niet doet. Fraude is vals componeren in de hoop dat niemand het hoort. Het vak is het oor dat het wél hoort.
De onderneming wil eeuwig en hoort zichzelf niet. Daarom heeft zij een accountant nodig; iemand die luistert naar een wil die niemand voelt.
Gerelateerd
RAL - American Psycho
Na jarenlang 'klooien met computers', stort Arnout van Kempen zich nu wekelijks op literatuur. Deel zes in de reeks 'RAL' (Relevante Accountants Literatuur) gaat...
RAL - Kippetje Tok
Na jarenlang 'klooien met computers', stort Arnout van Kempen zich nu wekelijks op literatuur. Deel vijf in de reeks 'RAL' (Relevante Accountants Literatuur) gaat...
RAL - Eichmann in Jeruzalem
Na een jarenlange reeks over 'klooien met computers', stort Arnout van Kempen zich nu wekelijks op literatuur. Deel vier in de nieuwe reeks 'RAL' (Relevante Accountants...
RAL: Heart of Darkness
Na een jarenlange reeks over 'klooien met computers', stort Arnout van Kempen zich nu wekelijks op literatuur. Deel drie in de nieuwe reeks 'RAL' (Relevante Accountants...
RAL: Les Fleurs du Mal
Na een jarenlange reeks over 'klooien met computers', stort Arnout van Kempen zich nu wekelijks op literatuur. Deel twee in de nieuwe reeks 'RAL' (Relevante Accountants...
