Magazine

Wat kost een 'Wiedergutmachungsschnitzel'?

Hoe waardeer je de aggregatie van roof, vernietiging, onderdrukking, leed en dood? Een beknopt inkijkje in een schimmig onderwerp.

Dit artikel is verschenen in Accountant Q4, 2016

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

» Download dit artikel in pdf

Bij de term ‘herstelbetalingen’ denken velen aan de Tweede Wereldoorlog, aan de Wiedergutmachung, het ‘weer goed maken’ van de oorlogsconsequenties. Waarschijnlijk weten minder mensen dat Duitsland pas in 2010 klaar was met de herstel betalingen als gevolg van de Eerste Wereldoorlog. En nog minder mensen dat voor Nederland mogelijk ook de nodige herstelbetalingen in het verschiet liggen, als gevolg van de slavenhandel en slavernij, bijvoorbeeld in Suriname.

Hét voorbeeld: WO II

Na de Tweede Wereldoorlog betuigt West-Duitsland intense spijt aan de slachtoffers van de wandaden van het Duitse nationaal-socialisme. Daarnaast treft Duitsland een spaghetti aan regelingen om vorm te geven aan de Wiedergutmachung. Het gaat onder andere om financiële vergoedingen, het afstaan van gebieden (onder andere 69 vierkante kilometer aan Nederland), de overdracht van intellectuele eigendommen en het leveren van dwangarbeid.

In totaal heeft Duitsland inmiddels voor ruim zeventig miljard euro uitgekeerd vanwege WO II. En het is nog steeds niet ten einde. Regelmatig komen landen met nieuwe claims of worden oude claims ‘heropend’. Zo maakte Griekenland in 2015 aanspraak op afbetaling van de oorlogsschuld. Volgens de Grieken heeft Duitsland daarvan alleen een ‘aanbetaling’ gedaan. Ook Israël heropent claims. Maar hoe komt men aan de bedragen?

Joods Museum Berlijn

In het indrukwekkende Joods Museum in Berlijn wordt een video getoond waarin een officier van de geallieerden (een econoom) na afl oop van WO II zijn verhaal doet. Zijn taak was het medebepalen van de omvang van de Wiedergutmachungs-betalingen door Duitsland. De man was in tranen toen hij vertelde hoe hij waarde moest toekennen aan vergaste baby’s. Is een dode baby meer waard dan een volwassene, omdat de baby meer potentieel had? Is een goedopgeleide jongeling meer waard dan een baby, die immers nog geen opleiding heeft gehad? Is een bejaarde het minst waard? Die heeft immers sowieso niet meer lang te leven? En wat voor bedragen koppel je daar dan aan? De officier vond het zichtbaar onverteerbaar om aan verschillende levens verschillende geldbedragen te koppelen. Een Gordiaanse knoop.

Maar vaak zijn de calculaties die men gebruikt een stuk eenvoudiger. Ter illustratie: in 1952 spreekt Duitsland een speciale regeling af met de staat Israël. Dat gaat onder andere om anderhalf miljard dollar (huidige waarde vijftien miljard dollar), ten behoeve van vijfhonderdduizend Joodse overlevenden die zich in Israël vestigen. Het is interessant om te zien dat het bedrag simpel lijkt te zijn bepaald. Het uitgangspunt zijn de kosten die Israël per persoon moet maken voor de opname in hun land. De kosten daarvan bedragen drieduizend dollar per persoon. Daarnaast wordt overigens wel overeengekomen dat Duitsland enkele miljarden moet ophoesten vanwege het stelen van Joodse eigendommen.

Een van onze ‘eigen’ casussen: slavernij in Suriname

Tot zover het kijkje buiten de deur. Maar hoe zit het bijvoorbeeld met ons eigen koloniale verleden? Laten we Suriname er eens als casus uitlichten. Dat land wordt in 1667 bezet door de Zeeuwen, na verovering op de Engelsen. Dan begint het ‘exploiteren’ van Suriname, door middel van plantages en de winning van delfstoffen. Daarbij wordt veelvuldig gebruiktgemaakt van slavenarbeid. Slavenhandel en slavernij zijn aan de orde van de dag. Dat gaat ongeveer tweehonderd jaar voort.

In 1863 worden alle slaven vrijgelaten. Dat wordt door Nederland als afdoende gezien om aan de politieke druk te beantwoorden. Maar het gedwongen vertrek van de vele slaaf-voorouders uit Afrika en de eeuwenlange dwangarbeid die volgde worden bij de afschaffing helemaal niet genoemd. Sterker nog, de invalshoek staat diametraal op wat je zou verwachten. De Tweede Kamer eist een compensatieregeling die de slavenhouders vergoedt voor het verlies van hun arbeidskrachten. En nog meer bizar: de voormalige slaven - geëmancipeerden genoemd - moeten de kosten van hun ‘inpassing’ in de maatschappij later terugbetalen!

De slavenhouders in Suriname krijgen grosso modo driehonderd gulden als ‘tegemoetkoming’ per slaaf. De uiteindelijke tegemoetkoming in 1863 komt daarmee uit op bijna tien miljoen gulden (toen nog florijnen). De slaven zelf krijgen overigens niks.

Grootmoedige kolonisator

De merkwaardige gedachtegang dat de onderdrukten moeten betalen na de onderdrukking is ons Nederlanders niet vreemd. Bij het onafhankelijk worden van Nederlands-Indië in 1949, bijvoorbeeld, vindt Nederland dat het recht heeft op herstelbetalingen omdat Nederland eeuwenlang heeft geïnvesteerd in Indonesië. Nederland eist daarvoor 4,2 miljard gulden. Dat bedrag wordt later verlaagd naar zeshonderd miljoen gulden. Een ‘grootmoedige’ zet van Nederland, aldus toenmalig minister van Buitenlandse Zaken Joseph Luns.

Quanta costa?

Een kloeke studie van Armand Zunder (genaamd ‘Herstelbetalingen’) bevat een diepgaande analyse van de plantage-economie in Suriname en presenteert calculaties van de herstelbetalingen die Nederland nu aan Suriname verschuldigd zou zijn. Zunder maakt daarbij onder andere gebruik van het basisbedrag dat gold als vergoeding aan de plantage-ondernemers: driehonderd gulden per slaaf.

Dat bedrag is tevens de basis voor de calculatie van de Wiedergutmachung aan de slaven (die zijn ingedeeld in enkele categorieën). Van het verschuldigde totaalbedrag is de eindwaarde berekend tegen een rekenrente van drie procent. Op dit moment is het bedrag aangegroeid tot ruim 55 miljard euro.

Naast deze vergoeding vanwege de slaven heeft natuurlijk ook een enorme migratie van kapitaal plaatsgevonden van Suriname naar Nederland. Op basis van bronnenonderzoek toont Zunder ook hiervan een analyse. Het gaat vooral om suiker, goud en katoen, gevolgd door balata (een soort latex), goud en cacao. Zunder gebruikt onder andere prijzen uit de Prijscourant van de Amsterdamse Goederenbeurs. Tegen een rekenrente van wederom drie procent leidt dat op dit moment tot een bedrag van tegen de 165 miljard euro. Hierop zou ongeveer vijf miljard euro aan hulpgelden in mindering kunnen worden gebracht.

Volgens de berekeningen van Zunder zou Nederland dus, in termen van schadevergoeding vanwege de slavernij en het onttrekken van goederen en kapitaal, ruim tweehonderd miljard euro moeten betalen.

Slavernij in de Verenigde Staten

De wetenschapper Thomas Craemer publiceerde in 2015 een artikel in Social Science Quarterly waarin hij schattingen maakt van herstelbetalingen die zouden moeten worden gekoppeld aan de slavernij in de Verenigde Staten. Hij vergelijkt bestaande schattingen die zijn gebaseerd op de slaafprijzen (als weerspiegeling van hun verwachte toekomstige waarde) met betere alternatieven, die hij baseert op het aantal gewerkte uren vermenigvuldigd met de arbeidslonen op de vrije markt. Ook hier is het rekenpercentage drie procent. Volgens zijn berekeningen gaat het om een bedrag van ruwweg tussen de zes- en de veertienduizend miljard dollar! Tegendenkers voeren het argument aan dat de VS nooit zo florerend zou zijn geworden zonder de slavernij. Een duivelse afweging.

‘Value of a statistical life’

In de bovenstaande voorbeelden is de vaststelling van een bedrag per slachtoff er meestal pijnlijk simpel. Het overgrote deel van de massale en geaggregeerde herstelbetalingen is gebaseerd op symbolische bedragen, die politiek zijn bijgesteld. Veel sigarendooswerk en gelobby. Het is misschien aardig om eens te kijken naar wat men op dit moment bij het bepalen van beleid ziet als de waarde van een leven. Daarvoor gebruikt men vaak het begrip ‘Value of a Statistical Life’.

Stel dat zeven mensen per honderdduizend overlijden aan een verkeersongeval, maar dat het aantal sterfgevallen kan worden gereduceerd naar vier personen door de introductie van een nieuwe airbag. Als iedereen bereid is zestig euro te betalen voor die reductie, dan zijn de drie gespaarde mensenlevens zes miljoen euro waard (honderdduizend mensen x zestig euro). Per leven is dat dus twee miljoen euro.

Analoog hieraan zijn nog ontelbare andere berekeningen te maken, afhankelijk van de gekozen setting. De levenswaarden zullen telkens variëren. Amerikaanse instanties komen gemiddeld genomen ergens tussen de vijf en tien miljoen dollar uit. In Nederland komen we uit rond de 2,5 miljoen euro. Deze Value of a Statistical Life wordt bijvoorbeeld gebruikt om veiligheidsbeleid te waarderen en beter kosten en baten van alternatieven te kunnen afwegen.

Toch wordt in de VS ook regelmatig geprobeerd deze waarden in te zetten bij rechtszaken die betrekking hebben op het vergoeden van zogenaamde ‘hedonistische schade’. Daarbij betoogt de eiser dat schade verder gaat dan alleen inkomensverlies en ook betrekking heeft op het nut van ‘niet geleefd leven’; bijvoorbeeld het missen van kerstfeesten, geen kinderen hebben kunnen krijgen enzovoort. Maar de uiteindelijke uitkeringen zijn eerder tienduizenden dan miljoenen euro’s.

Het kortste eind

De literatuur over herstelbetalingen benadrukt dat het in wezen altijd gaat over de zoektocht naar rechtvaardigheid. Maar er bestaat eigenlijk geen adequate manier om met geld ellende teniet te doen. Menselijk leed is niet in geld uit te drukken. Bovendien lijken de meeste bedragen die worden betaald het resultaat van soms arbitraire berekeningen en politieke processen.

Misschien verklaart dat ook wel dat de rol van accountants niet zichtbaar is in de literatuur, terwijl je dat bij waarderingsvraagstukken toch wel zou verwachten. Een wereldwijd gat in de markt wellicht?

De ‘Wiedergutmachungsschnitzel’

De Wiedergutmachungsschnitzel uit de titel verwijst naar een hilarische sketch van Jiskefet waarin Michiel Romeyn en Herman Koch de Duitse Wehrmacht-soldaten Günther en Wolfgang spelen. Zij zijn na WO II (een ‘conflict’) in Nederland blijven wonen en bereiden een ‘echte Duitse Wiedergutmachungsschnitzel’, als ‘een verzoenend gebaar en
een uitgestoken hand’. De sketch is eenvoudig te vinden via internet. Al dan niet bewust, de satire maakt pijnlijk duidelijk dat een Wiedergutmachung meestal in geen enkele verhouding staat tot de geleden schade.

Luc Quadackers is eigenaar van Margila.

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.