Tuchtrecht

Schade niet vast te stellen "dus nihil"

Een registeraccountant onderzoekt in hoeverre een medeplichtige aan diefstal schade heeft veroorzaakt. De sprong van haar bevindingen naar de conclusie is onbegrijpelijk.

Accountantskamer

Zaaknummers:
17/2477 Wtra AK
Datum uitspraak:
04 juni 2018
Oordeel:
gegrond
Maatregel:
berisping
Status:
definitief
Vindplaats:
ECLI:NL:TACAKN:2018:35

Lex van Almelo

Belangrijkste feiten

Een ondernemer heeft een bloemenveiling met vijf vestigingen. Voor het transport van planten, bloemen en andere artikelen die worden geveild, stelt hij ‘stapelwagens’ beschikbaar aan leveranciers. Op het veilingterrein kan iedereen de stapelwagens vrijelijk gebruiken. Daarbuiten kan dat alleen met behulp van een ‘slotplaat’, die alleen kan worden gehuurd bij de veiling en alleen kan worden verwijderd door het personeel van de veiling.

Nadat er een grote hoeveelheid stapelwagens is verdwenen, stelt de politie onderzoek in. Dit onderzoek leidt naar een transporteur van kalebassen die een leverancier leverde aan de veiling. De politie vindt een deel van de verdwenen stapelwagens bij een metaalschroothandel. De transporteur en de leverancier worden veroordeeld voor de diefstal.

De veilingondernemer vordert in een civiele procedure een schadevergoeding van 7.610.000 euro van de leverancier. De ondernemer gaat er bij dat bedrag van uit dat de transporteur 1,3 miljoen kilo aluminium heeft afgeleverd bij de schroothandel. Dat gewicht komt overeen met 18.700 stapelwagens die 400 euro per stuk kosten. De rechtbank veroordeelt de leverancier er bij verstek toe om de veiling ongeveer 7,5 miljoen euro te betalen.

Hangende de procedure in hoger beroep vraagt de leverancier aan een registeraccountant om de schadeclaim van de veiling te onderzoeken. De accountant brengt een rapport uit dat de leverancier gebruikt in de civiele procedure. Daarin zet het gerechtshof een streep door 6.418.400 van de 7,5 miljoen euro.

De veilingondernemer dient een klacht in tegen de accountant.

Klacht

De accountant heeft:

  • de veilingondernemer benadeeld met het rapport;
  • met het rapport de fundamentele beginselen van professionaliteit, objectiviteit en integriteit geschonden.

Oordeel

De klacht is gegrond.

“Vermeende” betrokkenheid

De leverancier heeft de accountant ingeschakeld om de volgende vragen te beantwoorden:

  • in hoeverre kun je in het procesdossier een causaal verband vinden tussen de (vermeende) betrokkenheid van leverancier bij de ontvreemding van stapelwagens en de schade die de veiling heeft geleden?
  • heeft de veiling echt zo veel schade geleden als de ondernemer beweert en is die schade volledig toe te rekenen aan de (vermeende) betrokkenheid van de leverancier bij de diefstallen?

De accountant is naar eigen zeggen eerst nagegaan hoe de ondernemer bij het schadebedrag van 7.610.000 euro is gekomen. Daarna heeft zij onderzocht of de leverancier in verband kan worden gebracht met de diefstal van alle 18.700 stapelwagens, met als conclusie dat dit niet zo is.

Volgens vaste accountantstuchtrechtspraak moet de aard van de opdracht in een rapport als dit helder worden geformuleerd, zie bijvoorbeeld deze uitspraak. Als de accountant weet dat de opdrachtgever het rapport gaat gebruiken in een gerechtelijke procedure moet zij/hij er in ieder geval voor zorgen dat het de objectieve waarheidsvinding door de rechter niet belemmert door bijvoorbeeld:

  • te komen met onjuiste of onvolledige gegevens;
  • te komen met bevindingen of conclusies zonder deugdelijke grondslag;
  • een rapport zonder duidelijke voorbehouden of beperkingen.

Volgens de Accountantskamer heeft de accountant bij het accepteren van deze opdracht tot twee keer toe het woord “vermeende” over het hoofd gezien in de vraagstelling, terwijl het gerechtshof bewezen heeft geacht dat de leverancier betrokken was bij de diefstal en/of verduistering van stapelwagens. Ook in het rapport rept de accountant een paar keer van “(vermeende) betrokkenheid” van de leverancier.

Of dit nu wel of niet afbreuk doet aan de bevindingen, het causale verband met de geclaimde schade en de hoogte van de schade – gezien de belangen van de zaak en het doel van het rapport had de accountant zich in haar rapport zorgvuldig moeten uitdrukken, zodat de rapportage niet onjuist kon worden geïnterpreteerd in de juridische procedure. Dat het gerechtshof in de civiele zaak gewoon is uitgegaan van de betrokkenheid van de leverancier maakt niet uit. Bij de tuchtrechter gaat het er immers om wat je mag verwachten van de accountant.

Schade “nihil”

Over de omvang van de schade rapporteert de accountant onder meer dat:

  • in de periode “juni 2000 - januari 2003” ongeveer 15.894 stapelwagens zijn ontvreemd (dus bijna 3000 minder dan de veiling zegt);
  • deze stapelwagens waarschijnlijk in een brede kring van afnemers en toeleveranciers zijn verdwenen;
  • het niet mogelijk is dat de transporteur het equivalent van 18.700 stapelwagens bij de schroothandelaar heeft afgeleverd in zijn witte vrachtwagentje;
  • “de daadwerkelijk (…) geleden schade als gevolg van de diefstal van stapelwagens” dus “(aanzienlijk) naar beneden moet worden bijgesteld”;
  • niet kan worden vastgesteld dat er causaal verband bestaat tussen de (vermeende) betrokkenheid van de leverancier bij de diefstallen door de transporteur en de schade die de veiling heeft geleden;
  • de schade van de veiling als gevolg van de (vermeende) betrokkenheid van de leverancier bij de diefstallen van stapelwagens dus “nihil” is.

Volgens de Accountantskamer volgt de laatste bevinding niet uit de voorafgaande bevindingen. Deze bevinding wordt ook nergens onderbouwd. Voor de rest is de bevinding ook “onbegrijpelijk”.

De accountant heeft op de zitting gezegd dat zij bedoelde dat zij niet heeft kunnen vaststellen hoe ver de betrokkenheid van de leverancier bij de diefstal reikte, zij de schade dus niet kon vaststellen en die dus nihil is. Dit blijkt volgens de Accountantskamer echter niet uit de gehanteerde formulering, “nog daargelaten of deze conclusie wel juist was”. Het oordeel van de accountant mist in dit opzicht een deugdelijke grondslag. Uit de gebruikte formuleringen leidt de Accountantskamer verder af dat de accountant onvoldoende kennis heeft van de juridische begrippen die hier aan de orde zijn.

De accountant heeft in strijd gehandeld met het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. Dat zij ook heeft gehandeld in strijd met de beginselen van professionaliteit, objectiviteit en integriteit, vindt de Accountantskamer echter niet. Er is namelijk niet gebleken dat de accountant het accountantsberoep in diskrediet heeft gebracht of kon brengen en evenmin dat zij niet-integer heeft gehandeld.

Ook is niet gebleken dat zij het beginsel van objectiviteit niet heeft nageleefd en dat zij een uiterst subjectief rapport heeft geschreven ten faveure van haar opdrachtgever. Een accountant mag immers de gerechtvaardigde belangen van een opdrachtgever behartigen.

Maatregel

Berisping. De accountant had haar bevindingen zorgvuldig moeten formuleren en moeten voorzien van een deugdelijke grondslag, nu zij wist dat haar rapport zou worden ingebracht in een juridische procedure waarin grote financiële belangen op het spel stonden.

Annotatie Lex van Almelo

Een leverancier wordt in hoger beroep veroordeeld wegens betrokkenheid bij de diefstal van een grote hoeveelheid stapelwagentjes van een veiling. Hoeveel? Dat laat de veroordeelde leverancier onderzoeken door een registeraccountant als hij van de rechter de schade moet vergoeden die de veiling heeft geleden door de diefstal.

De accountant in kwestie negeert het verschil tussen “vermeend” en daadwerkelijk en suggereert daarmee dat haar opdrachtgever ondanks de veroordeling niet betrokken is bij de diefstal. Het gerechtshof, dat het rapport van de accountant krijgt voorgeschoteld, laat zich niet op het verkeerde been zetten door de accountant.

De tuchtrechtuitspraak leert niet of het gerechtshof ook koers houdt bij de ongefundeerde conclusie dat de door de opdrachtgever veroorzaakte schade niet is vast te stellen en dus “nihil” is.

In de ogen van de Accountantskamer heeft de accountant niet vakbekwaam en onzorgvuldig gehandeld, maar gaan de uitglijders niet ten koste van de reputatie van het accountantsberoep. Ik ken het dossier niet. Maar de feiten uit de uitspraak roepen het beeld op van een beetje onnozele accountant die op belangrijke punten fouten maakt in het voordeel van haar opdrachtgever. Is dat niet schadelijk voor het accountantsberoep? De Accountantskamer vindt van niet en vindt bovendien dat de accountant objectief genoeg is geweest.

Ook het oordeel over de objectiviteit had meer uitleg kunnen gebruiken. De accountant heeft niet, zoals de klager meent, een uiterst subjectief rapport geschreven ten faveure van haar opdrachtgever. Waarom niet? Een accountant mag namelijk de gerechtvaardigde belangen van een opdrachtgever behartigen. Maar wanneer zijn die belangen gerechtvaardigd? En wanneer overschrijdt de accountant de grens tussen gerechtvaardigde opdrachtgeversbelangen en belemmering van de gerechtelijke waarheidsvinding? Uit deze uitspraak kan ik het niet opmaken.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.