Tuchtrecht

Niet verantwoordelijk voor fiscalisten

De directeur van een accountants- en belastingadvieskantoor heeft geen bemoeienis gehad met de fiscale werkzaamheden van twee adviseurs en hun facturen.

Accountantskamer

Zaaknummers:
18/1402 Wtra AK
Datum uitspraak:
11 september 2018
Oordeel:
kennelijk ongegrond
Maatregel:
geen
Status:
nog niet definitief
Vindplaats:
ECLI:NL:TACAKN:2018:65

Lex van Almelo

Belangrijkste feiten

Een accountant-administratieconsulent is directeur van een accountants- en belastingadvieskantoor, dat diensten verleent aan een onderneemster. Twee fiscalisten hebben voor haar werkzaamheden verricht en daarvoor facturen gestuurd. De onderneemster is zo ontevreden dat zij een klacht tegen de twee heeft ingediend bij de Raad van Tucht van de Vereniging Register Belastingadviseurs. Zij dient een klacht in tegen de directeur bij de Accountantskamer.

Klacht

De directeur is verantwoordelijk voor de twee fiscalisten.

Oordeel

‘Kennelijk ongegrond’. De onderneemster maakt de directeur geen tuchtrechtelijk verwijt over (accountancy)werkzaamheden die hij persoonlijk heeft uitgevoerd. De accountant zou verwijtbaar kunnen hebben gehandeld als hij vaktechnisch de (eind)verantwoordelijke zou zijn voor de werkzaamheden van de fiscalisten. De werkzaamheden waren echter puur fiscaal van aard en de verantwoordelijkheid daarvoor de uitvoering ligt bij de fiscalisten zelf. De accountant heeft geen bemoeienis gehad met de incasso van de facturen die het kantoor heeft gestuurd.

De onderneemster heeft niet aangetoond dat de accountant persoonlijk betrokken was bij de verweten handelwijzen. Van belang is ook dat zij al klachten tegen de twee heeft ingediend bij de tuchtrechter van het RB. Er is dus geen leemte in de tuchtrechtelijke rechtsbescherming van haar als cliënte van het kantoor.

De klacht is kennelijk ongegrond. De voorzitter van de Accountantskamer kan daarom besluiten de klacht niet inhoudelijk te behandelen.

Maatregel

Geen.

Annotatie Lex van Almelo

Volgens artikel 39 lid 1 van de Wtra kan de voorzitter van de Accountantskamer besluiten een klacht niet inhoudelijk te behandelen als die kennelijk ongegrond is. Dat gebeurt niet vaak. In dit geval heeft de klaagster niet aangetoond dat de accountant persoonlijk betrokken was bij of vaktechnisch dan wel organisatorisch verantwoordelijk was voor het werk van twee fiscalisten, tegen wie de onderneemster al een klacht had ingediend bij de tuchtrechter van het RB. De Accountantskamer ziet daarom terecht geen rol voor de accountantstuchtrechter.

Omdat de klaagster de werkwijze van de fiscalisten kan voorleggen aan de RB-tuchtrechter, blijft zij niet met lege handen staan en is er dus geen ‘lacune’ in de tuchtrechtelijke rechtsbescherming.

Gezien deze uitspraak is het overigens zeer twijfelachtig of de accountant in geval van een leemte tuchtrechtelijk verantwoordelijk is voor werkzaamheden waar hij part noch deel aan heeft gehad en waarvoor hij vaktechnisch noch organisatorisch verantwoordelijk is.

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.