Magazine

'Wij zullen accountants zonodig voor de strafrechter slepen'

Hij is de enige registeraccountant die burgers strafrechtelijk kan vervolgen en als openbare aanklager optreedt in spraakmakende beursfraude zaken. Advocaat-generaal Peter Greve: “Ik vind dat accountants soms te weinig gericht zijn op integriteit.”

Dit artikel is verschenen in de Accountant nr. 12, 2008

Bekijk alle artikelen uit dit nummer

» Download dit artikel in pdf

In het enige Nederlandse boekhoudschandaal dat een strafzaak werd, eist het Openbaar Ministerie in hoger beroep zwaardere straffen voor de voormalige top van Ahold. In september 2008 zijn de rechtszittingen hervat. Bedrijfseconoom, jurist en registeraccountant Peter Greve verdedigt in deze zaak als openbaar aanklager de belangen van de maatschappij.

Greve is binnen de rechterlijke macht de enige registeraccountant met toga en bef. Bij het Openbaar Ministerie lopen natuurlijk wel meer registeraccountants rond.

Maar omdat ze geen jurist zijn, kunnen zij geen officier van justitie worden of advocaat- generaal (een officier van justitie die strafzaken in hoger beroep behandelt). Peter Greve trad in 2002 toe tot het OM, waar hij per 1 mei 2003 advocaat-generaal werd. In het tijdperk van de grote boekhoudaffaires was het OM op zoek naar een specialist. Ook al omdat de vorige advocaat-generaal die zich met beursfraude bezighield rechter was geworden in Rotterdam.

Greve: “Je hebt dan twee keuzes. Je kunt een jurist opleiden tot accountant of een accountant nemen met een juridische ondergrond en deze de beginselen van het strafrecht bijbrengen.”

Snuffelstage

Het OM probeerde het laatste. De toenmalige hoofdadvocaat-generaal Egbert Myjer benaderde het ministerie van Financiën met de vraag of men wellicht een kandidaat had. Greve werkte op het ministerie als beleidsaccountant en werd door zijn plaatsvervangend directeurgeneraal naar voren geschoven.

Greve: “Ik heb twee jaar gewerkt bij de toenmalige Rijksaccountantsdienst. Daar begon ik als bedrijfseconoom. Tijdens mijn werk heb ik de postdoctorale accountancyopleiding aan de Universiteit van Amsterdam gevolgd. Daarna ben ik in de avonduren rechten gaan studeren.”

Na het aanzoek van het OM liep Greve twee dagen een ‘snuffelstage’ om te zien of hij de functie wel moest overwegen. “Ik heb toen voor het eerst een rechtszaal van binnen gezien en een strafzitting bijgewoond en vond het uitermate boeiend.”

Boonstra

Greve moest het vak van aanklager leren door eenvoudig handwerk te doen. Tijdens de eerste twee maanden van zijn halfjaar durende stage vervolgde hij junks en winkeldieven, onder leiding van een oudgediende officier van justitie. “Dat was een goede leerschool. Ik doe soms trouwens nog steeds dat soort zaken.” In de volgende fase werkte hij onder meer samen met de beursfraudeofficieren Joost Tonino en Hendrik Jan Biemond, die later om uiteenlopende redenen het OM verlieten. “De eerste beursfraude die ik kreeg was Flexovit”, vertelt Greve. “Daarin werd met voorkennis gehandeld in personeelsopties. Vrijwel meteen na deze zaak kreeg ik de zaak-Boonstra. Hij werd vervolgd wegens handel met voorkennis in aandelen Endemol en Ahold. Bij beide ondernemingen was hij commissaris. Boonstra werd in twee instanties vrijgesproken van handel met voorkennis. Wel kreeg hij een boete omdat hij had gehandeld in een periode, waarin dat niet mocht. In de strafzaak tegen de voormalige Aholdtop kom ik de naam Boonstra weer tegen. Overigens niet in negatieve zin.”

Naming and shaming

Aanvankelijk was het niet eenvoudig om iemand vooroordeeld te krijgen wegens voorkennis, vertelt Greve. “Nadien is het beter gegaan.”

Omdat de wetgever de bewijslast heeft versoepeld …

“Bepaalde onderdelen zijn versoepeld ja, maar het blijft altijd lastig. Je hebt zelden een bekennende verdachte en het is nu eenmaal moeilijk om te bewijzen wat iemand heeft geweten.”

Ik lees in de media nog maar weinig over voorkenniszaken. Hoe komt dat?

“Er zijn minder zaken. Van de eerste veroordelingen is een preventieve werking uitgegaan. Het zit nu redelijk tussen de oren bij ondernemingsbestuurders. Maar voorkenniszaken halen ook minder de media. Als de verdachten worden veroordeeld, krijgt dat minder aandacht. Een deel van de belastende feiten is dan al eerder uitgebreid in de pers verschenen. De verdachten zijn dan als het ware al veroordeeld door de media en blijven dat vaak ook na vrijspraak. Wanneer je als verdachte niet 99 procent zeker kunt bewijzen dat je het niet hebt gedaan, denken mensen dat het misschien toch wel is gebeurd maar dat het OM het niet heeft kunnen aantonen. En een verdachte kan moeilijk bewijzen dat hij zonder voorwetenschap heeft gehandeld.”

Begrijp ik het goed, dat u afstand neemt van de voorstanders van naming and shaming?

“Ja, ja. Ik zou dat voor het OM geen goede ontwikkeling vinden. Uiteindelijk weet je pas of iemand schuldig is als de hoogste rechter zich over de zaak heeft uitgesproken. Een verdachte is tegenover de verschillende professionals de zwakste partij in een strafzaak. Zo'n openbare rechtszaak gaat je niet in de koude kleren zitten. De aandacht gaat alleen uit naar wat je fout hebt gedaan. Bij beursfraude word je als verdachte vaak beoordeeld op één bladzijde uit een heel dik boek.”

Emoties

Behalve Ahold zijn in Nederland geen balansfraudes vervolgd. Het jokken over de reserves door Shell is niet strafrechtelijk aangepakt. Waarom niet?

“Het is moeilijk om mij hierover uit te laten.”

U heeft het kennelijk niet zo druk met beursfraudes. Doet u daarom ook nog zaken tegen winkeldieven en junks?

“Er zijn genoeg fraudes om honderd procent van mijn tijd te vullen. Wat beursfraudes extra uitdagend maakt, is dat je tegenover gekwalificeerde advocaten staat. Maar het is ook een uitdaging om verdachten van allerlei pluimage tegen te komen. In commune, alledaagse strafzaken spelen andere emoties. Voor mij is dat een interessante verbreding.”

Heeft het Openbaar Ministerie dus voldoende capaciteit?

“In de tweede lijn ben ik de enige advocaat- generaal en doe ik de beursfraudes samen met mijn juridisch medewerker Hanneke Venselaar. In de eerste lijn heeft het Openbaar Ministerie de expertise gebundeld bij het functioneel parket. Op het functioneel parket in Amsterdam is het aantal fraudeofficieren de laatste jaren gestegen van vijf naar negen. Daar staat tegenover dat ervaren mensen vertrekken. Hendrik Jan Biemond en Anita van Dis, die het eerste Ahold-proces hebben gevoerd, hebben alletwee afscheid genomen van het fraudeparket.”

Waarom?

“Fraudezaken kosten veel tijd, zijn zeer intensief, terwijl de secretariële ondersteuning beperkt is. Daardoor kun je als officier of advocaat-generaal niet altijd zo gericht en efficiënt te werk gaan als je zou willen. Sommige collega's menen dat daarin ook niet echt veel verbetering optreedt. Daarbij komt dat het aantal beursfraudeofficieren beperkt is.

Wanneer je een tijd als enige de kar hebt moeten trekken, vind je op een bepaald moment dat het mooi is geweest. Mogelijk hebben deze overwegingen een rol gespeeld bij het vertrek. Maar het OM heeft inmiddels meer fraudeofficieren aangenomen, van wie enkelen nog in opleiding zijn. In totaal werken er inmiddels tussen de 25 en 29 fraudeofficeren bij het functioneel parket, van wie drie tot vijf zich bezighouden met beursfraude.”

Niet bevlogen

Heeft het functioneel parket behoefte aan de expertise van forensisch accountants?

“Er zit veel expertise bij de FIOD, die zelf forensisch accountants heeft. Deze hebben bevoegdheden die private accountants niet hebben. Maar in principe heb ik er geen problemen mee om de expertise van private forensisch accountants in te huren. Zij zouden hun kennis en kunde kunnen inbrengen in een adviserende rol. De rapporten van forensisch accountants zijn echter niet altijd even bruikbaar. De opdrachtgever is er tevreden mee, maar in strafzaken hebben ze vaak te weinig bewijskracht.”

Hendrik Jan Biemond, die vanuit de advocatuur een korte overstap maakte naar het OM, riep advocaten op om een tijdje de publieke zaak te dienen. Zou u een zelfde oproep willen doen aan accountants?

“Er bestaat hier zeker behoefte aan accountants. Maar zo'n appèl om te strijden voor de goede zaak heeft iets heel bevlogens.”

En accountants zijn niet zo bevlogen als advocaten?

“Advocaten staan meer midden in de maatschappij, werken meer met individuen. Accountants staan meer in de bedrijfseconomische en financiële hoek en werken meer met functionarissen. Advocaten, zoals Gerard Spong, kunnen echt geraakt zijn en authentieke verontwaardiging uiten. Dat zie ik accountants niet zo heel snel doen. Je ziet ook geen bekende accountants in de media.”

Accountants

Dragen accountants wel voldoende bij aan fraudebestrijding?

Greve: “Ik zie wel eens een dossier van een onderneming die fraude heeft gepleegd en plaats dan mijn vraagtekens bij de onafhankelijke opstelling van de accountant. Ik heb de indruk dat accountants soms meer redeneren vanuit het risico op claims dan vanuit de integriteit. Zij laten zich nogal met de cliënt meevoeren. Het beroep bestaat bij de gratie van het vertrouwen dat anderen hebben in de integriteit en deskundigheid. Als je die onvoldoende bewaakt, bestaat de kans dat de maatschappij niet langer vraagt om jouw product. Dat de verplichte wettelijke controle verdwijnt, omdat die geen toegevoegde waarde meer heeft. De beroepsgroep als geheel heeft veel belang bij integriteit. Maar bij de individuele accountants kan dat belang soms iets anders liggen. Als men bij het OM beroepsbeoefenaren in het vizier krijgt die betrokken zijn bij strafbare feiten - zoals notarissen en accountants, aan wie hogere eisen in het maatschappelijk verkeer mogen worden gesteld dan aan anderen - zal het OM niet aarzelen om hen voor de strafrechter te slepen. Er komen wel eens accountants voor de strafrechter die strafbare feiten hebben gepleegd als directeur financiële zaken of adviseur van de onderneming. Ik zou verwachten dat het NIVRA dan een tuchtprocedure tegen deze accountants aanspant. Maar dat zie ik vreemd genoeg niet gebeuren.”(Zie kader voor NIVRA-reactie.)

Ahold afronden

Wat wilt u na deze functie gaan doen?

“Ik weet het nog niet. Een advocatenkantoor, een accountantskantoor of de rechtsprekende macht … Ik kan nog alle kanten op. Maar sowieso rond ik eerst Ahold af.”

NIVRA spant wel tuchtzaken aan

De bewering van Peter Greve dat het NIVRA te terughoudend is met het aanhangig maken van tuchtprocedures, ook bij bewezen strafbare feiten, is onjuist. Het NIVRA heeft in diverse gevallen registeraccountants die bij strafbare feiten betrokken zijn geweest voor de tuchtrechter gedaagd.

Regelmatig wordt het NIVRA door het Openbaar Ministerie getipt over een strafrechtelijk onderzoek of strafrechtelijke veroordeling. Op zo'n melding wordt altijd gereageerd. Afhankelijk van de voor het NIVRA beschikbare informatie, en na de betrokken registeraccountant hieromtrent om uitleg te hebben gevraagd, besluit het NIVRA-bestuur of tuchtrechtelijke actie noodzakelijk is. Dat is meermalen gebeurd. Daarnaast is nog een aantal zaken in voorbereiding.

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.