Opinie

Publicatieplicht voor stichtingen schiet doel voorbij

Het ministerie van Justitie heeft het wetsvoorstel dat de publicatieplicht van stichtingen regelt vrijgegeven voor consultatie. Doelstelling van deze nieuwe publicatieplicht is het voorkomen van misbruik van stichtingen.

Een nobel streven, maar ik meen dat dit wetsvoorstel daaraan (nagenoeg) geen bijdrage zal leveren. Het zadelt stichtingen met fatsoenlijke bedoelingen en integere bestuurders op met een nieuwe verplichting waarvoor de wet niet is bedoeld. En stichtingen die worden opgezet met een oogmerk om misbruik te plegen zullen zich weinig gelegen laten liggen aan een publicatieplicht. Dat betekent dat het wetsvoorstel disproportioneel is en weinig effectief. 

Stichtingen moeten binnen zes maanden na einde boekjaar een balans en een staat van baten en lasten opmaken. Het wetsvoorstel voegt daar een verplichting tot openbaarmaking bij het handelsregister aan toe, binnen acht dagen na opmaken. Voor wat de toelichting betreft, ontbreken verdere voorschriften, met één uitzondering: bij de staat van baten en lasten moeten alle donaties expliciet worden vermeld. Voor commerciële stichtingen (die onder BW 2.9 vallen) en pensioenstichtingen is een vrijstelling opgenomen, omdat deze rechtspersonen al een vorm van publicatieplicht kennen. 

Een publicatieplicht voor stichtingen staat haaks op andere recente ontwikkelingen. 

Met betrekking tot de publicatieplicht van andere rechtspersonen blijkt uit eerder dit jaar door het FD uitgevoerd onderzoek dat in belangrijke mate te laat (35 procent van de jaarrekeningen 2008), dan wel in het geheel niet (vijftien procent van de jaarrekeningen 2005-2007) aan de publicatieplicht was voldaan. Een al jaren terugkerend fenomeen dat laat zien dat de handhaving beslist onvoldoende is. 

Op 10 maart heeft het Europees Parlement een voorstel aangenomen om micro-ondernemingen vrij te stellen van de jaarrekeningplicht - en derhalve ook van de publicatieverplichting. 

Opmerkelijk is dan ook om in de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel te lezen dat 'van deze voorgestelde verplichtingen een zekere zuiverende werking zal uitgaan'. En 'dat door deze financiële transparantie de kans dat door stichtingen strafbare feiten worden gepleegd afneemt'. Zulke uitingen tonen aan dat het wetsvoorstel is gebaseerd op uitgangspunten die grenzen aan naïviteit. Want de kans dat besturen die misbruik willen maken van een stichting aan deze publicatieverplichting zullen voldoen lijkt mij erg klein. Waarschijnlijk zelfs helemaal afwezig. Daarom doet het ministerie er goed aan dit wetsvoorstel niet in deze vorm in te dienen. 

Tegengaan van misbruik van stichtingen is uiterst belangrijk en verdient de nodige aandacht. Maar daarbij past wel een wetsvoorstel dat dit op effectieve wijze regelt. De overheid heeft alternatieve handhavingsmaatregelen in overvloed om dit op een betere manier te organiseren. Op 7 juli 2010 is de (gewijzigde) Wet controle op rechtspersonen uitgegeven. Integratie in deze wet van bepalingen die misbruik van stichtingen moeten voorkomen had daarom meer voor de hand gelegen.

Deze bijdrage is tevens geplaatst in het Financieel Dagblad van 12 augustus 2010.

Wat vindt u van deze opinie?

Reageer Spelregels debat

Anton Dieleman is voorzitter van het Adviescollege Beroepsreglementering van de NBA en directeur vaktechniek bij Mazars.

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.