Opinie

Alléén denken is niet goed genoeg in accountantswereld

Het is niet aan de individuele accountant om zelfstandig tot een beslissing te komen, met gedachten als 'dat los ik morgen wel op'.

In de discussies over accountants wordt de oorzaak voor wangedrag van accountants gelegd bij perverse prikkels en geldzucht. Het is sterk de vraag of dat juist is. 

Sterke prikkels zijn nodig om ervoor te zorgen dat werk efficiënt wordt gedaan. Hiertoe moeten accountants middelen krijgen en met die middelen kunnen zij goed en kwaad doen. Om het laatste te voorkomen moeten we de persoon in kwestie ervan weerhouden 'kwaad' goed te praten. 

Er is geen reden te geloven dat accountants in aanleg willen bedriegen. Het probleem ontstaat als een accountant de gelegenheid heeft om fout handelen te rationaliseren in de trant van 'ja het zit misschien fout, maar dat repareer ik volgend jaar wel. Nu ingrijpen is schadelijk voor alle partijen, volgend jaar kan ik het probleem rimpelloos gladstrijken'. 

Nee, dat kan niet, er is voor de accountant veel minder manoeuvreerruimte beschikbaar dan hij in (te) veel gevallen neemt. De kunst is ervoor te zorgen dat de organisatie mechanismen heeft om te voorkomen dat hij zijn wil kan doorvoeren als hij denkt goed te doen voor iedereen. Denken is niet goed genoeg! 

Het is precies om die reden dat ik de verplichte cursus ethiek die accountants nu volgen niet als een serieus instrument zie. Hierin is verondersteld dat de persoon in kwestie zelf kan beoordelen of zijn handelen 'goed' is in maatschappelijke zin. Wel, dat kan hij niet. Niemand kan dat zelf, omdat hij mogelijke afwijkingen van 'goed' wil rationaliseren. We zijn er meester in om in zelfbedachte sprookjes te geloven - oprecht te geloven. Zo kan een sporter pillen nemen om beter te presteren op de Olympische spelen. De rationalisatie is dan dat het zo goed is voor zijn land en dat de drug feitelijk een natuurlijke stof is, die normaal ook in het lichaam rondwaart. 

We zien in organisaties die zich kenmerken door high commitment en high performance dat juist het feit dat mensen op eigen gezag en eigen oordeel zo'n beslissing kunnen nemen ertoe leidt dat het grandioos misgaat. Sterke financiële prikkels zijn echter geen voorspeller van slecht gedrag. 

Organisaties moeten ervoor zorgen dat anderen weten wat 'beslissers' uitvoeren en organiseren dat vragen worden gesteld alvorens men een oordeel omzet in een beslissing. Daarbij helpt de AFM-oplossing - sterk bestuur - geen zier, want deze is gebaseerd op afgedwongen gezag in een omgeving waar dat geen nut heeft. 

Waar het om gaat is dat de leden (partners) elkaar aanspreken op hun oordeel. Het is niet aan de individuele accountant om zelfstandig tot een beslissing te komen als 'dat los ik morgen wel op' of 'ik doe er niemand kwaad mee'. De vraag moet zijn: 'weten voldoende collega's van mijn oordeel en wat is hun gedachte hierover?' 

De collega die oordeelt verschilt wezenlijk in zijn referentiepunt van de accountant die zichzelf beoordeelt! Als we het kwaliteitsprobleem binnen de accountancy willen oplossen zullen de kantoren er serieus werk van moeten maken hoe ze de neiging tot rationalisatie onderdrukken.

Een licht verklorte versie van deze bijdrage is geplaatst in het Financieele Dagblad van 2 mei 2014.

Wat vindt u van deze opinie?

Reacties Spelregels debat

Jan Bouwens is hoogleraar accounting UvA en research fellow University of Cambridge.

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.