Opinie

De jeugd van tegenwoordig

Een opmerkelijk verschijnsel de laatste dagen: relatief jonge accountants die vertellen dat jonge accountants stelling moeten nemen, en meer van zich moeten laten horen.

De eerste die opviel was in november Johan Nelemans (27), die namens de "NIVRA Young Professionals" spreekt. Opmerkelijk aan zijn oproep was niet zozeer het feit dat zijn organisatie van zevenhonderd leden niet in staat blijkt de deelname aan het debat van jongere accountants op gang te brengen, maar het feit dat we Johan Nelemans zelf nu niet bepaald kennen als iemand wiens naam we vaak tegenkomen in de discussie. In 'de Accountant' kon ik één opiniestuk van hem vinden, uit januari 2006, en in 2005 was hij inleider van een deelsessie van de Accountantsdag. Begrijp me goed, dat is helemaal niet beroerd voor iemand van 27, maar het doet wel vermoeden dat Johan Nelemans zelf maar al te goed weet waarom zijn leeftijdgenoten weinig van zich laten horen.

Bij de Accountantsdag was het opnieuw raak. Bij de uitreiking van de scriptieprijs, pardon, de NYP-publicatieprijs, werd de prijs niet uitgereikt, omdat het niveau van de inzendingen blijkbaar te laag was. En opnieuw een oproep: jonge accountants, publiceer

Recent voegde zich Jan Thijs Drupsteen (43) toe aan deze rij. Dit keer geen oproep aan anderen om zich in de discussies in het beroep te mengen, maar een belofte: "Ik wil mijn titel over twintig jaar nog kunnen gebruiken en wil graag actief anticiperen op de toekomst. Door te participeren in de discussie werk ik mee aan mijn carrière." Kijk, dat is mooi, geen woorden maar daden.

Maar bevreemdend is het wel. Door mijn werk spreek ik héél veel accountants, jong en oud, openbaar, intern of  'in business', en het gesprek komt niet zelden op zaken als regelgeving, de discussie die de Wakkere Accountant voert, en de komende Ledenvergadering. Wat daarbij opvalt is dat de meeste accountants wel bereid zijn een standpunt in te nemen, hoewel de meesten bepaald niet erg goed blijken te weten waarover de discussie precies gaat, maar dat het ventileren van dat standpunt in publicaties, of zelfs maar in een ledenvergadering, toch een paar stappen te ver is.

Ik geloof dat ik mijn verbazing daarover wel eerder geuit heb, maar de opinie van Jan Thijs was aanleiding om dat nog een keer te doen. Want hij raakt wel de kern van het hele verhaal: Zowel de heer Spil (boven de 40, schat ik), als de heer Blokdijk (boven de 40, schat ik), als de heren Van Wijngaarden (boven de 40, schat ik), Helderman (boven de 40, schat ik) en Smit (boven de 40, weet ik), kortom, degenen die het meeste geluid produceren rond de komende Ledenvergadering, nemen stellingen in waarvan ze zelf de gevolgen maar beperkt zullen voelen.

Want het gaat niet om een PE-verplichting, of de hoogte van de contributie. Als de Wakkere Accountants gelijk hebben, gaat het om het langzaam maar zeker uit de markt drukken van kleine accountantspraktijken ten gunste van de grote vier, en om een wat vaag complot tegen accountants in business waarvan het motief nooit duidelijk is geworden, maar dat wel heel gemeen is. Achter een façade van due process en ander fraais, gaat dan een kwade genius schuil die moedwillig de belangen van 12.000 accountants verkwanseld om vier kantoren een plezier te doen.

Als het NIVRA-bestuur gelijk heeft, is de SWA een groepje dat het zacht gezegd wat makkelijk neemt met de waarheid, en dat, erger, moedwillig op langere termijn de status van de registeraccountant naar zijn grootje helpt, ook hier om motieven waarnaar we zullen moeten raden.

Op zich is het best een tijdje amusant geweest, dat modder smijten, maar het zou toch mooi zijn als de komende Ledenvergadering niet driehonderd van de 14.000 leden aanwezig zijn, maar laten we zeggen ook de zevenhonderd uit de achterban van Johan Nelemans, om de heren er dringend op te wijzen dat als deze discussie nog langer op deze toon door gaat, het allemaal niets meer uit maakt. Dan heeft het beroep zich al gediskwalificeerd als serieus te nemen groep in het maatschappelijk verkeer, door haar onvermogen om een normale, principiële discussie over het beroep te voeren.

Want laten we nu eens even stoppen met de flauwekul, en bekijken waar het hier echt om gaat:

Is een RA-titel een opleidingstitel, die absoluut niets meer te betekenen heeft dan "ik heb een stevige beroepsopleiding achter de rug, maar spreekt u me verder niet anders aan dan ieder ander in deze maatschappij"? Of is een RA-titel een aanduiding dat u een professional bent die aanspreekbaar wil zijn op de vraag of zijn gedrag integer is, zijn oordelen objectief, zijn handelen deskundig en zorgvuldig, zijn houding professioneel, en dat vertrouwelijke informatie bij hem veilig is.

Beide opties zijn in de regelgeving buitengewoon eenvoudig uit te werken. Voor het laatste standpunt zijn geen aanpassingen nodig. In het eerste geval hoeft u alleen maar aan te dringen op het in werking treden van artikel 28 van de Wet toezicht accountantsorganisaties.

Want vergist u niet, zo veilig is de rol van de accountant niet bij de politiek. In de Wta is al rekening gehouden met het soort discussies dat nu speelt, als accountants zo dolgraag hun in jaren fel bevochten positie door het putje willen spoelen, zal de wetgever hen geen strobreed in de weg leggen.

'Het zal mijn tijd wel duren' is uitsluitend een veilige stellingname als u binnenkort met pensioen gaat, of al aan het rentenieren bent.

Wat vindt u van deze opinie?

Reacties 0 0 Spelregels debat

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.