Opinie

Innovatie: niet door studenten!

Reagerend op een artikel van mij in het aprilnummer van 'de Accountant' (2008), waarin ik het niveau en gebrek aan innovatiekracht van de accountancyopleidingen aan de orde stelde, stelt Jan Bouwens in het septembernummer: ‘Het accountancyonderzoek in Nederland is nog nooit op een zo hoog niveau geweest als nu.'

Dat moge zo zijn, maar mijn beschouwing ging over innovatie! Daarbij heb ik geconstateerd dat vele proefschriften daar nauwelijks aan bijdragen, omdat zij gericht (moeten) zijn op wat ik 'ontdekking' heb genoemd. Echter: een innovatie is een 'uitvinding'! 

En dan geeft Bouwens mij gelijk, met zijn uitspraak: 'Onderzoekers zijn geen ontwerpers'. Ik denk dat men daarvan niet alleen in Delft, Wageningen en bij medische faculteiten zou opkijken, maar Barbara Majoor vermoedelijk óók. In haar oratie, die de aanleiding vormde voor mijn beschouwing, betoogt zij in haar stelling 3: 'In het onderwijs en onderzoek is te weinig aandacht voor productontwikkeling.' Het thema van haar intreerede was: innovatie! 

De zojuist geciteerde uitspraak vervolgt Bouwens met: 'We kijken naar verbanden die de ontwerper helpen een product te maken.' Als dat studenten wordt geleerd, is dat een goede zaak. Maar het ontwerpen geschiedt dus niet op de universiteiten. 

Maar waar dan wel? Vroeger bij de beroepsorganisatie, en nu bij de grotere kantoren, en zelfs - zoals ik heb aangetoond - buiten het accountantsberoep! 

Dat plaatst de klacht van Bouwens dat de kantoren niet scheutig zijn met de beschikbaarstelling van gegevens, in perspectief. Waarom zouden zij? Zij kunnen die gegevens net zo goed ter beschikking stellen aan recent opgeleide afgestudeerden in hun eigen organisatie die zij belasten met het ‘uitvinden' dat innovatie moet opleveren. 

Dat is zuur voor de universitaire onderzoekers, maar als zij niet willen 'uitvinden' omdat dit geen proefschrift of een internationaal gewaardeerd artikel oplevert, is dat niet verwonderlijk. 

Ook met een andere uitspraak lijkt Bouwens mij gelijk te geven. Ik heb de verdenking geuit dat het accountancyonderwijs 'verdacht veel op hbo-niveau' lijkt te liggen. Daarbij heb ik gerefereerd aan het rapport van de Commissie Eindtermen Accountancy, waarover Bouwens zich beklaagt omdat deze het curriculum veel te gedetailleerd heeft ingevuld. Dat lijkt mij één van de oorzaken van de door mij geuite verdenking. 

Die lijkt bovendien versterkt door een andere klacht van Bouwens, namelijk dat de ontwerpers van de opleiding allergisch lijken voor statistiek. Dat lijkt mij ook te gelden voor veel (Nederlandse) accountants; in mijn ervaring bestaat de overgrote meerderheid uit typische 'alpha's'. Zij hebben vaak al veel moeite met iets betrekkelijk eenvoudigs als samengestelde interest, en zeker met de kansrekening. 

Zinvolle toepassing van statistiek vereist inventiviteit. Als Bouwens daarvoor aandacht vraagt, heeft hij groot gelijk. 

Maar ook 'alpha's' kunnen iets ‘uitvinden': kijk naar juristen en sociologen, en naar het verleden van het Nederlandse beroep. Ik ben er nog niet van overtuigd dat aankomende accountants dat leren aan de universiteiten.

Wat vindt u van deze opinie?

Reageer Spelregels debat

Hans Blokdijk (1935-2013) was hoogleraar accountancy aan de Vrije Universiteit Amsterdam en aan Universiteit Nyenrode. Na zijn vertrek als partner bij KPMG in 1992 was hij werkzaam als zelfstandig adviseur van accountants en advocaten.

Gerelateerd

reacties

Reageren op een artikel kan tot drie maanden na plaatsing. Reageren op dit artikel is daarom niet meer mogelijk.

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.