Opinie

Onderzoek geeft geen aanleiding advies van controle te scheiden

Mensen vinden het aantrekkelijk om bij ongewenste gebeurtenissen oorzaken aan te kunnen wijzen. De identificatie van de oorzaak is nodig om tegenmaatregelen te kunnen nemen.

Tegenmaatregelen kunnen slechts werken voor zover de aangewezen oorzaken ook daadwerkelijk bepalend zijn voor de ongewenste gebeurtenis. Met name op dat laatste punt slaan mensen de plank nog wel eens volledig mis. Dat is met name een probleem als overheden en andere regelgevers de tegenmaatregelen treffen. Regelgevers hebben een monopolie en regels zijn daarom niet onderhevig aan de tucht van de markt. Regels kunnen daardoor een heel lang leven hebben, terwijl ze volkomen ineffectief of zelfs schadelijk kunnen zijn. Een overheid die tegenmaatregelen treft moet daarom heel erg zeker van zijn zaak zijn, om de tegenmaatregel te rechtvaardigen.

Neem twee accountantskantoren. Het eerste kantoor wordt getroffen door een enorme controlefout, omdat de engagement partner is meegegaan in winstmanipulaties. Het tweede kantoor maakt zo’n fout niet. Het eerste kantoor heeft ook adviesdiensten verleend aan het gecontroleerde bedrijf, het tweede niet. Op zo’n moment wordt het heel aantrekkelijk om te veronderstellen dat de foutloze firma goed is georganiseerd omdat deze geen advies verleent, terwijl de eerste duidelijk de verkeerde structuur heeft door advies met controle onder één dak te organiseren.

De vraag is of we dit verband systematisch ook terugzien. De afgelopen veertig jaar is het nodige onderzoek gedaan in dit verband. Ik noem enkele onderzoeken die representatief zijn voor wat we nu weten over het verband advies-kwaliteit van de controle. 

DeFond, Raghunandan en Subramanyam (2002) vinden geen enkele aanwijzing voor een kleinere kans om een ongunstig voorbehoud achterwege te laten. Ruddock, Taylor en Taylor (2006) zien niet terug dat accountants conservatisme als leidend principe laten varen voor ondernemingen die, naast de controle, ook andere diensten afnemen die onder de merknaam van de controlerend accountant worden aangeboden.

Antle, Gordon, Narayanamoorthy en Zhou (2006), Ashbaugh e.a. (2003), Chung en Kallapur (2003), Francis en Ke (2003) en Reynolds, Deis, en Francis (2004) vinden geen resultaat, als zij berekenen of er een verband bestaat tussen winststuring en het financiële belang van de individuele klant in de portfolio van het kantoor. Lennox (2016) toonde aan dat de beperkingen die de PCAOB in 2005 en 2006 oplegde inzake belastingadvisering geen effect hadden op de kwaliteit van de controle. Voor de goede orde: gemeten in termen van het aantal gebleken fouten in de verslaggeving die aanleiding gaven tot het opleggen van een aanpassing (‘aanwijzing’ in Nederland) in de verslaggeving, fouten in belastingaangiften en invulling van de continuïteitsparagraaf.  

Bell, Causholli en Knechel (2015) vonden geen verband tussen advies en controlekwaliteit voor grote ondernemingen, maar wel een lagere kwaliteit voor het mkb. Daarbij is het nog de vraag of de internal controls van deze bedrijven zo slecht zijn dat advies vragende bedrijven inherent slechtere financiële rapportages aan de accountant aanbieden.

Ondanks de overweldigende hoeveelheid onderzoeken die werden gedaan en waarin, op het onderzoek van Bell e.a. na, niets werd gevonden als het gaat om de veronderstelde negatieve relatie advies-kwaliteit, leeft toch de stellige overtuiging dat het aanbieden van adviesdiensten moet worden verboden. Het is sterk de vraag of adviesdiensten de oorzaak zijn van kwaliteitsverlies. In elk geval geeft bestaand onderzoek geen aanleiding om op basis van de bevindingen beleidswijzigingen door te voeren.

Wat vindt u van deze opinie?

Reacties 41 58 Spelregels debat

Gerelateerd

Afbeelding Opinie

Stuur minder op beloning, meer op intrinsieke motivatie

“Geven is leven: het leven schenkt pas echt voldoening als je anderen geeft wat je te bieden hebt.” Met deze les van hoogleraar sociologie Morrie Schwartz (1916–1995) rond ik mijn promotieonderzoek bij Nyenrode Business Universiteit af. Intrinsieke motivatie was belangrijk in het leven van Morrie. Uit mijn onderzoek blijkt dat beloningsprikkels—zelfs een bonus voor controlekwaliteit—deze motivatie kunnen ondermijnen.

x 3 43 3 Herman van Brenk
Afbeelding Nieuws

Oorzakenanalyse big four: samenstelling auditteam en portefeuille voorwaarden voor controlekwaliteit

Een stabiel auditteam met een diverse samenstelling en voldoende onderlinge dynamiek is een belangrijke driver voor kwaliteit van accountantscontroles. Ook een passende portefeuille-omvang en –samenstelling en hoge betrokkenheid van partners en senior teamleden zijn van belang. Dat blijkt uit een gezamenlijke oorzakenanalyse, gemaakt door de vier grootste accountantskantoren.

x 5

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.