Marcel Pheijffer

De strategische en ideologische draai van EY rondom de splitsing van audit en advies tast ook de geloofwaardigheid van het accountantsberoep als geheel aan, meent Marcel Pheijffer.

Discussie Column

Gespleten tong EY tast geloofwaardigheid accountants aan

De kogel is door de kerk: EY splitst de organisatie in twee ondernemingen. De accountantstak gaat zelfstandig verder, de adviestak wordt naar de beurs gebracht. Op zich is dit geen groot nieuws, omdat het dit jaar al stukje bij beetje naar buiten was gebracht. Er is vanuit EY International al enkele maanden zorgvuldig informatie over de splitsingsplannen gelekt en gespind. Zodat de buitenwereld een beetje aan het idee kon wennen.

Intern was er ook werk aan de winkel. Landenorganisaties - EY is een netwerk van ongeveer 150 landenorganisaties - en partners moesten worden overtuigd van nut en noodzaak van de splitsing. Hun instemming is immers vereist. Volgens berichtgeving in de Financial Times is die er inmiddels: de vijftien leiders van de belangrijkste netwerkonderdelen (behoudens China), goed voor tachtig procent van de wereldwijde omzet, hebben ermee ingestemd om het voorstel tot splitsing aan de partners van hun organisatie voor te leggen.

Adviestak leading

De kans dat partners instemmen is groot. Zij krijgen een vergoeding die tot enkele miljoenen per persoon kan oplopen. Waarom zou je daar in die positie tegen zijn? Bovendien wordt de komende jaren een forse omzetgroei verwacht. Door de splitsing van controle en advies vallen drempels, belemmeringen en beperkingen inzake het bedienen van cliënten weg. Daardoor zou een omzetgroei van 7 procent (accountantstak) en 18 procent (adviestak) kunnen worden bereikt.

Voor buitenstaanders valt er echter wel wat op de miljoenenvergoeding af te dingen, althans als het om de accountants gaat. Naast de vorstelijke partnervergoeding die zij de afgelopen jaren ontvingen, ligt nu een aanzienlijke bonus in het verschiet. Zo wordt goodwill verzilverd die grotendeels is opgebouwd met het uitvoeren van een wettelijke taak. De vraag is gerechtvaardigd of een dergelijke taak tot zulke hoge vergoedingen aanleiding dient te zijn. Een vraag die menigeen negatief zal beantwoorden.

Nog belangrijker dan dat, is dat de cijfers en de berichtgeving over de splitsing vooral laten zien dat deze het meest profijtelijk is voor de adviestak. Het is dan ook uiterst aannemelijk dat adviespartners - zij ondervinden veel hinder van allerhande geboden en verboden in de accountancysector - de motor achter de splitsing zijn. En dat bij een organisatie die naam en faam heeft opgebouwd als accountantsorganisatie. De splitsing maakt mijns inziens zichtbaar dat de accountants bij EY niet langer de dienst uitmaken en de controle over de organisatie zijn kwijtgeraakt.

Wat daar ook van zij: het gaat hier om een private organisatie die uiteraard een beslissing tot splitsing mag nemen. Dat geldt ook voor het Nederlandse netwerkonderdeel van EY. Jeroen Davidson, huidig voorzitter van de raad van bestuur van EY Nederland, stelt in een persbericht: "Als raad van bestuur staan wij achter de strategische heroriëntatie om te komen tot twee sterke ondernemingen. Wij zijn ervan overtuigd dat voor de toekomst van beide onderdelen dit de juiste richting is om zelfstandig te kunnen groeien in de dynamiek van de eigen markten. Voor onze medewerkers brengt dit aantrekkelijke carrièrekansen met zich mee en geeft onze klanten meer keuze."

 Strategische draai EY tast geloofwaardigheid aan

So far, so good. Ik ben overigens ook voorstander tot splitsing van de grote accountantsorganisaties (maar niet vanuit de commerciële overwegingen die EY ter berde brengt). Waarmee ik echter moeite heb, is het gemak waarmee EY Nederland een strategische en ideologische draai (van tegenstander naar voorstander van een audit only-model) maakt. Die tast namelijk niet alleen de geloofwaardigheid van EY Nederland aan, maar ook die van het brede accountantsberoep dat juist hier in ons land al bijna tien jaar een poging doet tot hervorming, cultuurverandering en kwaliteitsverbetering. Een proces dat van buitenaf (de politiek) is afgedwongen en ingezet, dat tot de instelling van diverse commissies heeft geleid, tot rapporten met veranderingsvoorstellen en wet- en regelgeving. Thans staat de sector 'onder curatele' van twee kwartiermakers die het proces en de voortgang daarin bewaken en laat toezichthouder AFM zich gelden.

Aandacht AFM, MCA en CTA voor audit only

In dat proces is de afgelopen jaren ook gesproken over een mogelijke (door de wetgever afgedwongen) splitsing tussen de controle- en adviestak. Zo liet de AFM eind 2018 van zich horen met de publicatie van een verkenning naar de Kwetsbaarheden in de structuur van de accountancysector. In die publicatie komen de potentiële bronnen van marktfalen in de sector aan de orde en worden alternatieve structuurmodellen zoals audit only en joint audit verkend.

Ruim twee jaar daarvoor had de Monitoring Commissie Accountancy (MCA, waarvan ondergetekende deel uitmaakte) de knuppel in het accountantshok gegooid, door te spreken over wicked problems en het businessmodel van de accountantskantoren als zodanig te betitelen: "Onderdeel van het businessmodel is het multidisciplinaire kantoorconcept. Dat maakt dat er veel regels nodig zijn op het gebied van onafhankelijkheid. Dat is 'pleisters plakken' terwijl bijvoorbeeld het audit only-concept een alternatief zou kunnen zijn. De discussie daarover (het bespreekbaar maken) wordt vermeden. (…)"

In 2020 stelde de Commissie Toekomst Accountancysector (CTA) voor om nader onderzoek te doen naar het audit only-model, een voorstel dat de minister van Financiën heeft overgenomen en dat tot de opdracht van de kwartiermakers hoort (en dat recent heeft geleid tot een onderzoeksrapport van SEO).

Sector reageert op en ageert tegen audit only-model

De knuppel van de MCA en de verkenning van de AFM zijn niet door de sector omarmd, maar riepen juist weerstand en verzet op. Zo stelde de Stuurgroep Publiek Belang van de NBA een green paper Structuurmodellen Accountancy op. In een vrij beperkte en eenzijdige analyse wordt in die paper het huidige businessmodel van de multidisciplinaire organisatie omarmd: "Uit de oorzakenanalyse blijkt dat het huidige model van samenwerking van controle en advies in één organisatie niet leidt tot lagere kwaliteit en dat een goede samenwerking met specialisten van belang is voor de kwaliteit van de controle."

De stuurgroep zet tegenover de multidisciplinaire organisatie het audit only-model, dat door de stuurgroep niet wordt omarmd: "Een alternatief voor het huidige businessmodel is het model waarin accountantsorganisaties enkel nog controles uitvoeren en niet langer onder één dak samenwerken met adviseurs. Dit kan leiden tot een grotere (perceptie van) onafhankelijkheid en objectiviteit van de accountant (omdat er geen commerciële of financiële druk bestaat vanuit andere disciplines). Anderzijds kan de feitelijke onafhankelijkheid juist afnemen; in een audit-only model zullen externe, specialistische adviseurs moeten worden ingehuurd die zelf meerdere klanten bedienen. Dit leidt tot vraagstukken inzake borging van de onafhankelijkheid van deze externe specialisten maar ook tot hogere kosten. Daarnaast kan een nieuw kwaliteitsrisico ontstaan; door verlies van (doorlopende) toegang tot specialistische kennis over IT, data-analyse, cybersecurity, vastgoedwaardering, financiële instrumenten, actuariële berekeningen en fiscale compliance, kan de controlekwaliteit dalen. Ook kan een kleinere schaal een negatieve invloed hebben op de investeringscapaciteit van accountantsorganisaties. Tot slot zijn de gevolgen voor de controle van multinationale ondernemingen onduidelijk, indien aansluiting van de Nederlandse accountantsorganisatie bij een internationaal multidisciplinair netwerk niet langer mogelijk is."

Samenvattend wijst de stuurgroep de komst van nieuwe structuurmodellen af. Zo wordt gesteld: "In de evaluatie in dit green paper:

  • worden oorzakelijke verbanden tussen structuurmodellen en tekortkomingen in kwaliteit niet aangetroffen;
  • gaan mogelijke oplossingen voor risico's van huidige modellen waarschijnlijk gepaard met nieuwe risico's met onduidelijke impact;
  • is beschikbaar wetenschappelijk onderzoek niet volledig en zijn de uitkomsten niet eenduidig;
  • zijn in het buitenland geen fundamenteel andere modellen naar voren gekomen dan de in Nederland gangbare modellen;
  • zijn veel van de genomen maatregelen ter verbetering van auditkwaliteit sinds 2014, erop gericht om risico's reeds te mitigeren.”

EY meest vocaal en felste tegenstander

Audit only bleek dus een optie die door de grote accountantsorganisaties werd weggehoond. EY was daarbij het meest uitgesproken. Zo schreef Coen Boogaart (toenmalig voorzitter van EY Nederland) samen met zijn rechterhand Rob Lelieveld (toenmalig voorzitter van EY Accountants) in 2019 aan het ministerie van Financiën (ter attentie van de Commissie Toekomst Accountancysector) een brief over de EY Point of view. De brief bevat onder meer een opsomming van argumenten tegen en de risico's van een opsplitsing. Ik behandel er enkele.

Ten eerste stelde EY Nederland in 2019: "Wij zijn een groot voorstander van het multidisciplinair model, primair omdat dit de voorwaarden schept voor het leveren van duurzame kwaliteit." Voorts wordt gesteld dat de voorstellen inzake nieuwe structuurmodellen - zoals een splitsing tussen controle en advies (audit only) - "overwegend niet bijdragen aan betere kwaliteit".

Deze citaten zouden bij een consequent gebruik van de argumentatie anno 2022 derhalve tot de conclusie moeten leiden dat de kwaliteit van accountantsdiensten achteruitgaat door de voorgestelde splitsing. Maar daar hoor je EY Nederland nu niet meer over.

Ten tweede stelde EY Nederland in 2019: "Directe en gemakkelijke toegang tot de specialistische kennis van deskundigen wordt steeds belangrijker bij controles. Tegenwoordig bestaat de inspanning voor een controle al voor tien tot dertig procent uit de inzet van deskundigen en zonder deze inzet kan de gewenste kwaliteit niet worden geleverd." En voorts: "Binnen een audit only-model zou de deskundigheid extern moeten worden ingehuurd, waardoor de kwaliteitsborging van deskundigen complexer (zo niet onmogelijk) wordt en ook de onafhankelijkheid van deskundigen onvoldoende kan worden geborgd." Splitsing anno 2022 zou volgens deze argumentatie dus leiden tot kwaliteitsverlies en problemen bij de inzet van de voor een goede controle benodigde deskundigen. Kennelijk neemt EY Nederland dit nu echter op de koop toe.

Ten derde stelde EY Nederland in 2019 dat "een multidisciplinair model bijdraagt aan het zijn van een aantrekkelijker werkgever. Wij vinden het essentieel dat het beroep aantrekkelijk blijft voor jong talent, omdat goede mensen essentieel zijn voor kwaliteit en omdat voldoende capaciteit beschikbaar moet zijn".

De krapte op de arbeidsmarkt, zeker binnen de accountancy, geven dit argument juist anno 2022 nog meer kracht. Maar kennelijk niet langer voor EY Nederland. Voorts is het de vraag hoe het splitsingsbesluit valt bij alle EY-medewerkers die straks niet uit de ruif mogen mee-eten.

Het kan verkeren

Waar voormalig EY-bestuurder Lelieveld in 2019 nog stelde dat "capaciteit en kwaliteit altijd leidend zijn, boven commerciële overwegingen", geldt nu kennelijk het omgekeerde. De pirouette van EY Nederland is even verbijsterend als onbeschaamd. De gespleten tong doet niet alleen afbreuk aan de geloofwaardigheid van accountants, maar ook aan het veranderingsproces binnen de sector. Het doet immers de vraag rijzen: Wat is het woord van de accountant waard? En hoe zit het eigenlijk met diens handtekening onder de jaarrekening?

Deze column is een uitgebreide versie van de column van Marcel Pheijffer in het FD van woensdag 14 september.

Wat vindt u van deze column?

Reageer

Marcel Pheijffer (1967) is hoogleraar Forensische Accountancy aan de universiteiten Nyenrode en Leiden.

Gerelateerd

reacties

Reageer op dit artikel

Spelregels debat

    Aanmelden nieuwsbrief

    Ontvang elke werkdag (maandag t/m vrijdag) de laatste nieuwsberichten, opinies en artikelen in uw mailbox.

    Bent u NBA-lid? Dan kunt u zich ook aanmelden via uw ledenprofiel op MijnNBA.nl.